Welkom!

Welkom op de website van Henk Krol, hoofdredacteur van Gay Krant. Aan de linker onderzijde vindt u de links naar het CV en de foto's van Henk Krol en een directe link naar de website van de Gay Krant.



Weblog

Woensdag 25 augustus 2010

Wat heb ik toch aardige buren, collega’s en vrienden. Spontaan boden ze massaal hun hulp aan. Niet alleen de buurman waar we al jaren goed bevriend mee zijn, niet alleen de man van een van mijn medewerkster die altijd helpt waar hij maar kan, maar zelfs de mij tot nu toe onbekende man die een heel eind verderop woont. Ook hij belde spontaan aan. “Ik ben gepensioneerd huisarts. Als ik u ergens naar toe kan rijden, laat het gerust weten.”

Op mijn Twitteroproep kwamen zelfs meer dan 200 reacties binnen. Allemaal kanjers die me uit de nood willen helpen.

Wat is er gebeurd?

Afgelopen dinsdag moesten Adri van Esch, de eindredacteur van de Gay Krant, en ik voor een interview naar Amsterdam. We hadden afgesproken dat we er uiterlijk om 10 uur zouden zijn. Adri woont bij Den Bosch, ik in Eindhoven. Normaal reizen we via het spoor, maar de NS heeft op dit moment een actie om iedereen de trein uit te jagen. Mensen kunnen voor half geld mee. Het gevolg? Overvolle treinen. Deze maand heb ik al drie keer de hele reis van Eindhoven naar Amsterdam in het gangpad moeten staan. Vaste reizigers worden zo ontmoedigd en nieuwe reizigers krijgen een totaal verkeerd beeld van de voordelen van het openbaar vervoer. Dit keer dus maar liever per auto.

Adri en ik zouden elkaar om 8 uur ontmoeten op de carpoolplek bij de afslag Vught. Toen ik aankwam was hij er nog niet. Een prima moment om even de kranten door te bladeren. Na 20 minuten ging mijn GSM.

Adri: “Alles goed?”
“Prima, met jou ook? Waar ben je?”

“Op de carpoolplaats waar we hebben afgesproken, bij de afslag Vught.”

“Ik ook, maar ik zie je niet.”

Na wat heen en weer gepraat kwamen we samen tot de conclusie dat er kennelijk twee afslagen Vught zijn met alletwee een carpoolplaats.

Tien minuten later troffen we elkaar bij één ervan, net voorbij kasteel Maurik. Een half uurtje later dan gepland konden we beginnen aan de trip naar de hoofdstad. Geen probleem, we zorgen er altijd voor dat we ruim op tijd zijn. Het eerste stuk ging het voorspoedig. Het was zelfs redelijk rustig op de weg. Tot aan Deil. Daar stond het verkeer muurvast. Iedereen moest er op één baan. Vervelend. Zo op tijd vertrekken en dan nog in de problemen komen. Een paar kilometer voorbij Deil liep alles weer vloeiend, maar we waren nu wel achter op ons schema.

Net voorbij Utrecht lonkte de vernieuwde A2 ons toe. Waar we het enkele weken geleden nog moesten doen met drie rijbanen lag nu een brede snelweg met vijf stroken. Wat een luxe! Hier konden we wel een paar minuutjes winst boeken. Hoe hard mag je er eigenlijk? Het was in de oude situatie altijd 120. Hoe snel zou je nu mogen? Op de TomTom stond nog altijd 120. Vooruit, dan rijden we 130, dat is hier – zeker op dit rustige moment – heel acceptabel. Cruise control op 130. Net voor ons reed een busje zonder cruise control. Het ene moment 132, het andere 125. Da’s lastig. Even inhalen maar. We snelden er voorbij en… wat was dat? Een auto in de middenberm, zagen we daar een agent met een lasergun?

Twee kilometer verder zag ik in de achteruitkijkspiegel een motoragent aansnellen. We reden al weer keurig 110 op de tweede baan. Hij kwam naast ons rijden en gebaarde dat we hem moesten volgen. Oeps. Nu komen we helemaal te laat.

Bij afslag Vinkeveen mochten we achter hem aan naar beneden. Een vriendelijk man.

“Ik heb een vervelende mededeling voor u. Een collega heeft u gespot met een lasergun. U reed 153 kilometer. Dat is nét meer dan de grens van 50 kilometer. Daaronder had u alleen een boete gekregen, nu moet ik uw rijbewijs invorderen.”

“U bedoelt 30 kilometer? Je mag er toch 120?”

“Nee, de snelheid is er onlangs verlaagd tot 100. U heeft dus pech.”

Adri zat in de auto te kijken naar het tafereel voor zich. Ik gebaarde hem dat hij mocht doorschuiven naar de bestuurdersstoel. Ik mocht geen meter meer rijden.

“Heeft u passagier ook een rijbewijs?”, vroeg de vriendelijke motoragent. Ik knikte. “Dan heeft u in elk geval het geluk dat hij wel verder mag rijden.

Een half uurtje te laat kwamen we in Amsterdam aan. Op de A2 snelde iedereen ons voorbij. Enkele uren later bezochten we de Dolle Dinsdag in Oss en legden we roze rozen bij de kerk van pastoor Mennen.

Reon was zo vriendelijk Adri daar op te pikken en naar zijn auto te brengen. Buurman Harry was meegereden om mij in m’n auto thuis te brengen. Ik voelde me schuldig. Het was immers gewoon fout, zelfs als ik er 120 had mogen rijden was die inhaalmanoeuvre van 153 nog altijd te hard.

Twee dagen eerder sprak ik Evert Santegoeds, de hoofdredacteur van Privé. Hij beklaagde zich over dat mensen alleen maar positieve feitjes naar buiten brengen. “Ze zouden tegenvallers ook wat vaker moeten melden.” Dus twitterde ik: “Haast is zelden goed. Vandaag A'dam en Oss. Op de vijfbaans A2 te hard gereden. 153 km, rijbewijs kwijt. Wie wil me de komende tijd rijden?”

“Ha, ha, de hoofdredacteur van de Gay Krant moest zijn roze papiertje inleveren”, grapte iemand meteen. “Hij zoekt een chauffeur, vast iemand die goed achterin kan steken”, overtroefde een ander. Maar ruim 200 mensen leefden oprecht mee. Dat is een hele troost.

Inmiddels is er een brief uit naar de Officier van Justitie. Ik hoop dat ik mijn rijbewijs snel terug heb. Mijn lesje heb ik wel geleerd. In september is de NS-actie gelukkig afgelopen. Ik verheug me al weer op de trein, maar wil wel liefst met de auto naar het station.

Maandag 5 juli 2010

Er is positief nieuws. De afgelopen jaren waren voor de Gay Krant niet gemakkelijk. Net als bij vrijwel alle andere bladen liep door de financiële crisis de advertentiebezetting achteruit. Dat zorgde voor aanzienlijk minder inkomsten dan gepland. Dat kwam extra slecht uit omdat de aan de Gay Krant gelieerde Stichting Vrienden van de Gay Krant, de afgelopen twintig jaar kapitalen heeft uitgegeven aan de strijd voor onder meer de openstelling van het burgerlijk huwelijk. Om de adverteerders toch over de streep te trekken probeerden we steeds meer ‘glossy’ te worden. Dat mocht niet baten.
 
Begin dit jaar besloten we niet langer te dansen naar de pijpen van de commercie en weer te gaan doen wat onze lezers van ons vroegen: veel nieuws en achtergronden. We gingen terug naar het tabloidformaat en werden weer echt een Gay Kránt. Daardoor was er meer ruimte voor betere journalistieke bijdragen. Ook kwam er, in het Platform, plaats voor mensen die een eigen mening wilden ventileren. Ineens konden we weer actueler zijn, diepgravender en gevarieerder. We deden het met een ongerust gevoel. Hoe zouden de trouwe lezers en lezeressen reageren? Het resultaat was hartverwarmend. Ja, 26 abonnees zegden hun lidmaatschap op. Daartegenover stroomden honderden nieuwe juist toe. Tijdens de Roze Zaterdag regende het complimenten. Lezers laten weten dat ze zich beter herkennen in de nieuwe formule die voor elk wat wils biedt.
 
En de adverteerder? Is die nu teleurgesteld nu we geen hagelwit en glanzend papier meer in de aanbieding hebben? Welnee. Ook die heeft de weg naar de Gay Krant weer gevonden. De advertentiebezetting is het laatste half jaar groter dan ooit tevoren. Zelfs het aantal kroegen dat collectieve abonnementen afsluit voor vaste gasten is ongekend gestegen. Daarmee krabbelt de Gay Krant, dankzij de lezers, weer op uit het dal. Elke maand wordt de schuld van de stichting kleiner. Wij hebben de weg naar boven weer gevonden!
 
Dat positivisme herken je de laatste tijd op meer plaatsen in de homowereld. Rob Tielman zegt in zijn column in de deze week verschijnende Gay Krant dat hij in zijn veertigjarige loopbaan niet eerder zo’n coöperatieve sfeer heeft meegemaakt. Hij constateert dat er goed wordt samengewerkt in allianties rond werk, onderwijs, sport en ouderen (pagina 10).
In haar bijdrage aan het Platform (pagina 52) meldt Fya Myra dat zij start met een nieuwe actiegroep die via sociale media als Facebook en Youtube aandacht gaat vragen voor de afnemende tolerantie. Een nieuwe generatie kondigt zich aan; een generatie die respect heeft voor wat door anderen is bereikt en die niet lijdzaam toeziet wat er in en met de homogemeenschap gebeurt, maar bereid is het heft mede in handen te nemen. 
 
Volop positieve ontwikkelingen dus, bij de Gay Krant en rondom ons heen. Wat kan ik anders dan daar héél blij van worden!

Woensdag 19 mei 2010

De als orthodoxe jood verklede man die op 4 mei tijdens de dodenherdenking op de Dam met een schreeuw de rust verstoorde moet worden terechtgewezen, maar het is onzinnig hem nog eens weken in voorarrest te houden. Daarom roep ik iedereen op een petitie te ondersteunen.

De rechtbank in Amsterdam heeft het voorarrest, dat al twee weken duurde, nog eens met negentig dagen verlengd.  Onbegrijpelijk omdat al snel na het incident getuigen verklaarden dat in de directe omgeving van de man juist geen paniek ontstond. Die ontstond wel bij mensen verderop die niet wisten wat er gebeurde. Toen iemand anders riep dat het om een bom ging, vielen mensen over elkaar heen om weg te komen en werden er anderen verdrukt waardoor er slachtoffers vielen.

Justitie spreekt over de kans op herhaling van een misdrijf, maar schreeuwen is geen misdrijf. Het was ook niet deze kennelijk gestoorde man die willens en wetens  'een gevaarlijke situatie heeft gecreëerd voor koningin Beatrix, kroonprins Willem-Alexander en prinses Máxima', zoals Justitie meent te moeten concluderen.

Evenmin kan hij ervan worden verdacht dat hij anderen een 'zwaar lichamelijk letsel door schuld' zou hebben toegebracht.

Youp van 't Hek schreef vorige week al dat voetbalsupporters soms ook hard schreeuwen met kwalijke gevolgen. De vervolgpaniek heeft volgens Van 't Hek te maken met onze dolgedraaide samenleving na de voorvallen rond Pim Fortuyn, Theo van Gogh en de viering van Koninginnedag vorig jaar, en zijn de zwerver niet aan te rekenen.

Youp: "De man raakte in één keer de open zenuw van onze samenleving. Inmiddels heeft de stumper zijn excuses aangeboden. Maar weet hij veel. Hij is niet ziek, wij zijn het. Opgefokte doodsangst beheerst ons leven. Eén kreet en we stuiven uit elkaar. Volgens mij moeten we ook niet boos op hem zijn, maar hem juist bedanken. Voor de zoveelste keer sprak een dronken man de waarheid. Hij schreeuwde ons wakker. Hij maakte met een kreet duidelijk wat er werkelijk aan de hand is."

Volkskrant-columnist Max Pam schreef dat de omstanders die als blinde dieren achter elkaar gingen hollen, zich in feite dommer gedroegen dan de man die gil had geslaakt. "Om 'de rabbijn' als schuldige aan te wijzen van de ontstane situatie, en de daarbij gevallen gewonden, is ronduit stuitend. De vrouw die 'bom, bom, vlucht!' riep, zou je even schuldig kunnen noemen, zij het dat schuld in zo'n massahysterie natuurlijk helemaal niet het juiste begrip is. De man die zijn koffer liet vallen, heeft op zijn manier zijn steentje bijgedragen."

Ook oud-premier en voormalig minister van Justitie Dries van Agt is helder in zijn oordeel. Hij stelt dat de rechtbank geen enkele grond heeft de man langer vast te houden en eist onmiddellijke vrijlating.

De Nijmeegse hoogleraar strafrecht Yvo Buruma noemt het in voorarrest houden ‘begrijpelijk, maar niet goed’.

'Niet goed' omdat de gronden waarop de Damschreeuwer nu langer wordt vastgehouden, 'gezocht' zijn, aldus Buruma. ''Voor het schreeuwen alleen, is er geen juridische basis.'' En: “Het lijkt me niet dat de man heeft geschreeuwd om lichamelijk letsel te veroorzaken. Dat is per ongeluk gebeurd.''

Buruma vindt overigens dat in Nederland in vergelijking met andere Europese landen 'ontzettend makkelijk' mensen in preventieve hechtenis worden gehouden, waar snelrecht en veel betere optie zou zijn. ''Het zou in dit geval beter zijn geweest als de rechtbank het voorarrest niet met negentig maar met dertig dagen had verlengd en vervolgens tot snellere berechting zou overgegaan.”

Zie ook: http://schreeuwervrij.petities.nl

 

Van een geloofwaardig justitieapparaat mag worden verwacht dat men ook luistert naar zulke hartenkreten. Daarom hoop ik dat veel mensen deze petitie zullen willen ondertekenen.

Maandag 5 april, Tweede Paasdag

De EO vroeg me een brief aan God te schrijven. Vandaag mag ik hem om 9.30 uur voorlezen in Dit is de Dag op Radio 1.

Hier de tekst:

Schepper,
 
Omdat namen als God, Jahweh en Allah al meteen voor de nodige tegenstellingen kunnen zorgen, noem ik U maar liever Schepper.
 
Gek hoor, een brief aan de Schepper. Als U niet bestaat, is het verspilde moeite. Als U wel bestaat, bent U alwetend en is deze brief dus eigenlijk overbodig. Toch doe ik een poging omdat U, door gedragingen van Uw grondpersoneel, de laatste tijd weer volop in het nieuws bent.
 
Bij al dat negativisme voel ik me erg ongemakkelijk. Vroeger organiseerde mijn oma bijeenkomsten op zondagmiddag. Daar werd gesproken over wat mijn ooms en tantes hadden gehoord in de kerk en de dag ervoor in de sjoel. Tja, een merkwaardige familie: deels remonstrants, deels katholiek en deels joods. Als kind luisterde ik ademloos. Ik merkte dat er diverse waarheden naast elkaar kunnen bestaan. Maar vooral dat mensen met verschillende opvattingen toch enorm veel respect voor elkaar kunnen hebben.
 
Hoe anders is dat de laatste tijd. Ik zie steeds vaker imams en jonge pastoors die bij mij de indruk wekken dat ze niet ‘geloven’ maar ‘zeker weten’. Ook enkele dominees komen op mij over alsof niet U ze richting geeft, maar zij aan U. Ik kan me niet voorstellen dat U daar gelukkig mee bent.
 
Hoewel Uw naam steeds minder respect lijkt af te dwingen en Uw georganiseerde aanhang in ons land fors is geslonken, zijn Uw regels nog steeds richtlijn voor bijna al onze burgerlijke wetten. Zelfs mensen die Uw bestaan ontkennen, leven bijna altijd volgens Uw waarden en normen. Die zijn niet achterhaald. Je kunt daarom zeggen dat U alle eer ten deel valt. Dat merken we ook wanneer er mensen zijn die hier andere normen proberen te introduceren. Die willen we liefst niet overnemen. We verafschuwen geweld en moord, zijn redelijk trouw aan elkaar, we beseffen dat diefstal een zonde is, net als liegen en bedriegen, en we proberen ook niet afgunstig te zijn op wat een ander toebehoort. Uw zondebesef is bijna altijd identiek aan het seculiere zondebesef.
 
Toch zijn er enkele priesters die uit Uw naam beweren dat niet alle vormen van liefde uw goedkeuring zouden hebben. Er zijn volgelingen die, met een verwijzing naar U, menen dat mijn liefde voor een andere man zondig zou zijn. Dat kan ik niet bevatten. Het voelt immers niet als een zonde. De afgelopen weken merkte ik hoeveel mensen zich door Uw priesters buitengesloten voelen omdat ze voor een tweede keer zijn getrouwd, vrouw zijn, of omdat ze zorgzaam willen zijn voor hun vriend of vriendin. Ze menen te weten dat U daarom nooit iemand zou uitsluiten. Kunt U dat niet eens herbevestigen?
 
Tijdens de hostiekwestie had ik huilende mensen aan de lijn. Ze verlangden terug naar de geborgenheid van hun kerk van vroeger, maar ze voelen zich niet meer volledig welkom. Dat doet pijn. Uit Uw naam wordt liefde gepredikt, maar er zijn volgelingen die niet weten wat dat is. Mag ik U daarom, heel hooghartig misschien, een tip geven? Reorganiseer hier op aarde Uw dienst Personeelszaken!

Henk Krol

Dichter Rikkert Zuiderveld las in de uitzending een reactie 'van God' op de brief van Henk Krol voor. Hieronder de tekst hiervan.


IN ANTWOORD OP UW SCHRIJVEN

Mijn beste Henk, ik heb je brief ontvangen.
Je hebt gelijk. Het ziet er niet goed uit.
Ook ik heb pijn, ook ik heb het verlangen
dat niemand iemand kwetst of buitensluit.

Met één ding kan ik echter niet zoveel
jouw klacht over de personele zaken.
Het punt is hier: ik heb geen personeel.
Wèl kinderen die steeds weer fouten maken.

Ik kan ze niet ontslaan of overplaatsen,
de stomme sukkels! Zieken en melaatsen,
voor al dat tuig kwam Jezus uit de kast.

Als jij hem spreken wilt, maar niet kunt vinden,
dan zit hij bij de lammen en de blinden
of ergens waar hij iemands voeten wast.

De uitzending is te beluisteren door HIER te klikken.

Zaterdag 3 april 2010

“Het leven is als een trap waarop je eigen gewicht bij elke tree omhoog zwaarder lijkt te worden. Hoe meer ervaring je opdoet, hoe hoger je je hoofd zult heffen. Maar je zult ook minder gaan spreken en in kortere zinnen. Met weinig woorden zul je proberen steeds meer te zeggen. Datzelfde zul je van je omgeving gaan verwachten. Het leven is te kort voor breedsprakig geklets”, aan het woord is Talha Görgülü, de oprichter en eigenaar van de Turkse Kayi Group of compagnies, met als werkmaatschappijen onder meer KayiTur, een van de drie grootste reisorganisaties in Europa, GTI, DTI, Sky Airlines en het Adam & Eve hotel in Belek. Er werken 3.500 mensen voor hem.

Zijn meest opvallende creatie is het Adam & Eve hotel, het paradijs op aarde, verscholen tussen de dennenbossen bij Antalya, meteen aan de Middellandse Zee, Elke gast krijgt zijn eigen engel toegewezen die zich ontfermt over alle wensen.  Die zijn er nauwelijks, want bij Adam & Eve, waar ik twee dagen geleden mijn verjaardag mocht vieren, is aan alles gedacht.

Gisteravond spraken Reon en ik, in zijn Japanse restaurant Arrigato, met deze opmerkelijke man, vader van twee tieners. Nog voordat we de vraag konden stellen, gaf hij zelf al het antwoord: in zijn bedrijven is iedereen welkom.

Talha.bmp

Maandag, Tweede Paasdag, zit ik op Radio 1 een uur lang bij de EO met mijn Brief aan God. Hier in de zon moet ik daar steeds aan denken. En dus vraag ik hem: “Ben je niet bang dat – wanneer je straks zelf voor de hemelpoort staat – God tegen je zal zeggen. ‘Je was hooghartig, je probeerde mijn concurrent te zijn met je hemel in Belek’?”

Zijn ogen krijgen een vrolijke schittering. “Welnee, God zal snappen dat ik slechts een simpele reclame heb proberen te maken voor wat Hij voor ons in petto heeft.”

Maandag 22 maart

Over enkele weken zijn er verkiezingen voor de Tweede Kamer. Zowel het COC als de Stichting Vrienden van de Gay Krant (SVGK) hebben aan alle partijcommissies – die bezig waren of zijn met de verkiezingsprogramma’s – brieven verzonden met daarin een wensenlijst.

Tijdens de komende discussies rondom de aanstaande verkiezingen en de daarop volgende coalitieonderhandelingen zou het goed zijn als er aandacht komt voor een aantal zaken dat nog geregeld moet worden. Iedereen kan daar een steentje aan bijdragen door die aandachtspunten in de schijnwerpers te plaatsen. Hieronder een opsomming van de wensen van de SVGK:

Geen weigerambtenaren meer. SVGK roept daartoe op. Het gaat hier immers om een functionaris die de overheid vertegenwoordigt en niet zijn of haar privé-overtuiging. Als de overheid de weigerambtenaar faciliteert, faciliteert ze discriminatie.

Erkenning in het buitenland. Het opengestelde burgerlijk huwelijk zou – op z’n minst bij de andere EU-leden en in EU-kandidaatslanden – ter plaatse rechtsgeldig moeten zijn en het vrije verkeer tussen burgers binnen de Europese Unie moeten bevorderen. Nederland zou hierin een actievere voortrekkersrol moeten gaan vervullen en samenwerking zoeken met bondgenoten: andere lidstaten met een geopend huwelijk en het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Binnen het Koninkrijk moeten paren van gelijk geslacht overal kunnen huwen. Niet alleen straks op de BES-eilanden, maar ook op de overige vroegere Antillen.

Nu nog is je Nederlandse huwelijk vaak niet eens rechtsgeldig in landen die het huwelijk ook hebben opengesteld. Je zult er samen met je partner maar een tweede huisje hebben en straks toch het volle pond aan successierechten moeten betalen.

Einde enkele feit-constructie. De positie van zowel homoseksuele leraren als leerlingen – ook in het bijzonder onderwijs – dient versterkt te worden. De geaardheid van een leraar valt binnen de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene en mag nooit aanleiding zijn tot ontslag.

Veiligheidsbeleving. Met name in grote steden ervaren we een toenemende bedreiging van onze individuele veiligheid. Zowel gevoelsmatige onveiligheid als feitelijke bedreigingen dienen in samenwerking met lokale overheden te worden aangepakt. Alle vormen van geweld tegen lesbiennes en homoseksuelen dienen altijd als aangifte te worden behandeld en niet als melding te worden genoteerd. Projecten die de onderlinge sociale cohesie tussen groepen in de samenleving kunnen bevorderen, dienen voorrang te krijgen.

Afbakening godsdienstvrijheid. In een geciviliseerde maatschappij mag de vrijheid van godsdienst geen vrijbrief zijn om bepaalde bevolkingsgroepen in de samenleving te kwetsen, beledigen of te discrimineren. In Nederland is geen plaats voor een imam die, op basis van de Sharia-wetgeving, oproept om homoseksuelen vanaf een hoog gebouw omlaag te gooien. Precies hetzelfde geldt voor een pastoor die zondaren wil bestraffen door te verwijzen naar de bijbel waarin zou staan dat zondaren met een molensteen om de nek verzonken moeten worden naar de diepten van de oceaan.

Aanpassing lesmaterialen. De SVGK zet vraagtekens bij de – vaak vrijblijvende – wijze van voorlichting over homoseksualiteit in het onderwijs. Voor ‘in de kast zittende’ tieners blijkt dit vaak een benaderingswijze te zijn waardoor ze zich erg opgejaagd voelen. Daarnaast is het juist voor leerlingen aan wie zo’n voorlichting goed besteed zou zijn, een alibi om op het aangekondigde tijdstip simpel weg te blijven. Niet zelden worden ze hierin aangemoedigd door hun ouders.

De SVGK pleit er voor de maatschappelijke diversiteit te integreren in lesmaterialen. Papa fume une pipe et maman est dans la cuisine is echt niet meer van deze tijd. SVGK is ervoor meerdere rolmodellen op te nemen, waardoor ook homoseksuele leefsituaties een vanzelfsprekend onderdeel van een les kunnen zijn.

Geef ouderen de plek die ze verdienen. De oudste generatie lesbiennes en homoseksuelen heeft in hun jonge jaren het meest geleden onder de toen nog heersende discriminerende wetgeving en regelingen. SVGK wil een overheid die actief beleid voert om het vaak nog overheersende heterobeeld in verzorgings- en bejaardentehuizen te doorbreken. Experimenten met specifieke ‘roze’ ouderenwoningen moeten actief gesteund worden. Ook initiatieven waarbij oudere lesbiennes en homo’s zelf – bijvoorbeeld via een woongroep – hun zorg inkopen, dienen extra aandacht te krijgen.

Stop bloeddiscriminatie. Helaas worden homoseksuelen nog altijd gediscrimineerd als het gaat om het doneren van bloed. De SVGK vindt dat meten met twee maten: een promiscue levende heteroseksueel is welkom bij de bloedbank, een monogaam levend homopaar niet. Daarbij verwijst de SVGK ook naar de ‘schijnhetero’, de getrouwde huisvader – vaak levend in kleine kernen met een hoge sociale controle – die op parkeerplaatsen en in parken zijn homoavonturen opzoekt, maar wel voor de goede sier zijn bloed doneert.

Geen stigmatisering van allochtonen. Het is een fabel dat alle allochtonen homofoob zouden zijn. De meeste agressieve discriminatie van lesbiennes en homoseksuelen komt van een naar verhouding kleine groep die zijn wortels vooral heeft in de Marokkaanse gemeenschap. Laten we binnen deze gemeenschap bondgenoten zoeken en werken aan meer wederzijds begrip.

Een veelkleurige samenleving is leuk. Met de uitgave van de Gay Krant werkt de SVGK actief aan het beeld van een veelkleurige samenleving waarvan het prettig is deel uit te kunnen maken. Een maatschappij die elkaar onderling respecteert en waar nieuwe Nederlanders en de holebi-gemeenschap elkaars belang herkennen en erkennen: ieder zijn vrijheid gunnen. Dit is een motto dat zowel journalistiek ingevuld moet worden alsook politiek moet worden ondersteund.

Die ondersteuning kregen we van de meeste lezers volop na de overgang van onze uitgave als magazine naar tabloid. Dit is alweer het tweede nummer in het nieuwe jasje. Aanvankelijk hadden we rekening gehouden met enkele negatieve reacties. Maar u geeft in meerderheid aan dat u de extra redactionele ruimte erg op prijs stelt en u onderschrijft dat de Gay Krant in deze nieuwe vorm een grotere bijdrage kan leveren aan de nog altijd broodnodige emancipatie. De Gay Krant kan weer meer actueel zijn, zeker in combinatie met de nieuwsvoorziening op onze website GK.nl. Dat bleek de afgelopen weken volop bij de hostiekwestie en bij de losse flodder die werd afgevuurd door een Amerikaanse oud-generaal die de val van Srebrenica toeschreef aan homo’s in het Nederlandse leger.

Dank voor uw steun!

Vrijdag 5 maart 2010

De afgelopen weken is er veel gebeurd. De rooms-katholieke kerk toonde zich van zijn rigide kant. De aandacht voor de liefde leek verdwenen.

Over de gebeurtenissen kreeg ik erg veel telefoontjes, brieven en e-mails. Zoveel dat ik ze niet allemaal persoonlijk kan beantwoorden. Daarom deze ‘verantwoording’ aan iedereen die interesse toonde.

Tijdens de carnaval kwam het bericht naar buiten dat dorpspastoor Luc Buyens de communie zou hebben geweigerd aan een prins carnaval waarvan bekend was dat hij samenwoont met zijn vriend. Een stel dat zielsveel van elkaar houdt. De man zelf, Gijs Vermeulen, zocht de publiciteit niet, maar veel van zijn dorpsgenoten vonden dit zo beledigend van de pastoor dat het feit uitlekte naar de media. Zo kwam het nieuws in het Eindhovens Dagbad en in de Gay Krant. Dat was het begin van een kwestie die landelijk en zelfs internationaal aandacht zou krijgen.

Pas veel later zou blijken dat de pastoor in kwestie in feite een vreemde vogel is die zich liet inspireren door de lang vergeten aartsengel Rafaël, die zou zijn verschenen in de achtertuin van een timmerman in Haaksbergen.

Een raadslid uit Nuenen, Dick Boonman, stoorde zich zo aan de weigering dat hij in diverse media opriep de zondag daarop naar de kerk van pastoor Buyens in Reusel te gaan om te zien of de hostie werkelijk niet aan gelovigen zou worden uitgereikt die met een roze driehoek kenbaar zouden maken dat ze behalve katholiek óók openlijk homoseksueel zijn.

Bij het COC Eindhoven ontstond de vrees dat het een rellerige actie zou kunnen worden. Dat had te maken met een satirisch stukje op de website Geen Stijl waarbij een foto van Boonman in travestie stond afgebeeld. Al snel werd ik een soort van schakelpunt. “Weet jij dit?”, “Weet jij dat?” Door de commotie waren inmiddels ook landelijke journalisten wakker geworden en ook die weten de Gay Krant altijd te vinden als onbezoldigd informatiecentrum.

Ik zocht contact met Dick Boonman. Het beek een uiterst betrokken man met oprechte bedoelingen.  Op geen enkele wijze een relnicht of iemand die uit was op een conflict. Hij wilde maar één ding: niet worden uitgesloten van de geloofsgemeenschap waar hij juist veel steun van ondervond. Die steun wenste hij ook anderen toe. Daarom wilde hij dat de kerk de deuren niet zou moeten dichtsmijten voor de neuzen van andere gelovigen die er ook geborgenheid zochten.

In de tijd dat de katholieke kerk nog een volkskerk was, was er plaats voor iedereen. Het bijzondere van de leer van Rome was wel dat je aan de ene kant de strikte regels had, maar aan de andere kant de dagelijkse praktijk met veel plaats voor barmhartigheid. Priesters die met uitgestoken hand begrip hadden voor mensen met goede intenties.

Dat veranderde toen in 1968 voorbehoedsmiddelen door de paus ‘zondig’ werden verklaard. Zonder dat hij luisterde naar zijn volgelingen en oog had voor de dagelijkse praktijk, verbood hij condooms, zelfs binnen het huwelijk. En ook in 1968 was al bekend dat daarmee geslachtsziekten voorkomen konden worden. Seks was altijd een obsessie voor de kerk, zeker de kerk die seks wil zien als iets wat is voorbehouden aan het dienstbaar zijn aan de ‘scheppingsorde’.  Daarmee sluit men seks uit genegenheid, uit liefde en voor de lol uit. En die boodschap moet worden verkondigd door mensen die zichzelf door een verplicht celibaat (wat nergens wordt verlangd door Jezus zelf of de bijbel) hebben opgelegd. Dat schreeuwt om frustraties.  De gevolgen worden dan ook met de dag zichtbaarder. Priesters projecteren hun eigen frustraties op hun volgelingen en zorgen zo voor een liefdeloze, koude, kille en steeds legere kerk.

Terug naar Reusel. Daar meldden zich de zondag na carnaval veel meer mensen normaal op een zondag. De pers sprak over ‘tientallen homo’s’, maar in werkelijkheid was het een bonte mengeling van betrokkenen. COC-leden, de jongerengroep Embrace Pink, individuele gelovigen die zich niet wilden laten buitensluiten en vooral veel oud-parochianen die ongelukkig waren met de harde, liefdeloze opstelling van hun zielenherder.

Velen hadden inmiddels ook het verhaal gelezen op de website van de Gay Krant over dezelfde pastoor Buyens van Truus Reuser. “Het lichaam van mijn man stond nog boven de grond”, vertelde ze toen pastoor Buyens ook haar tot op het bot krenkte.

Haar ervaring is zo mogelijk nog schrijnender dan van de carnavalsprins. “Mijn man stierf een paar jaar geleden plotseling. Uitgerekend ook tijdens de carnaval. Een hartstilstand. Hij stond nog boven de grond toen pastoor Buyens met zijn moeilijkheden kwam. Hij had vernomen dat mijn zoon Harald homo is en waarschuwde dat Harald tijdens de uitvaartmis geen communie mocht ontvangen.”

Mevrouw Reuser was met stomheid geslagen. “Toch zijn we – hoe konden we anders – met de beste bedoelingen naar de rouwmis gegaan. Normaal deelt de pastoor altijd eerst de communie uit aan de naaste familie. Maar bij ons begon Buyens demonstratief met de andere rij. Toen hij bij ons kwam, sloeg hij mijn zoon over.”

Het was voor de familie een pijnlijke ervaring, maar zelfs daarbij bleef het niet. “Na de begrafenis heeft Buyens mijn zoon bestookt met zijn strikte opvattingen.  De pastoor liet ons weten dat mijn zoon geestesziek is en dat hij hem wel kon genezen.”

De mis van 9 uur werd druk bezocht door mensen die, net als ik, wel eens uit de mond van de pastoor wilden horen waarom hij zich zo onbarmhartig opstelde. Ze werden met stomheid geslagen. Vlak voor de communie zou worden uitgereikt, liet pastoor Buyens weten dat homoseksualiteit net als andere seks buiten het door de kerk erkende huwelijk ‘een grote zonde’ is. Die mensen mochten - net als hetero’s die voor de tweede keer waren getrouwd - de communie niet ontvangen, want dat zou ‘heiligschennis’ zijn. Er ging een golf van verontwaardiging door de kerk die letterlijk en figuurlijk ijskoud was. Hadden we hier te maken met een eenzame, doorgedraaide godsdienstwaanzinnige? Nee, Buyens liet weten dat hij zijn opstelling had doorgenomen met de bisschop. Als we verder nog vragen hadden, moesten we in Den Bosch zijn.

En om te voorkomen dat er ‘heiligschennis’ zou kunnen plaatsvinden, had hij mét het bisdom besloten dat er aan niemand de heilige hostie zou worden uitgedeeld.

Ik had genoeg gehoord. Ik liep naar buiten en merkte dat veel andere belangstellenden me meteen volgden. Buiten opperde ik: “Wat zou de kerk doen als we elke week met een groepje mensen, die volgens deze strikte regels buiten de boot zouden moeten vallen, terug zouden komen? Zou de kerk dan blijvend het uitdelen van de communie achterwege laten?”

Er was meteen een grote groep die dat wel eens wilde uitproberen. Het plan ontstond om de week erop naar de Sint Jan in Den Bosch te gaan, de kerk van bisschop Hurkmans.

Dit kon toch niet waar zijn? Een al jaren leeglopende kerk die zelfs mensen die smeken of ze mee mogen doen de deur wijst?

Meteen die maandag reed ik naar het bisschoppelijk paleis aan de Parade in Den Bosch en overhandigde daar een uitnodiging voor een interview en een gesprek. Aan journalisten die me belden om commentaar liet ik dat ook weten. Iedereen wilde horen of de bisschop die uitnodiging zou aannemen.

Die dinsdag belde het ANP. Op de website van het bisdom stond te lezen dat de bisschop zou ingaan op mijn verzoek. Vreemd. Zelf had ik nog geen enkele reactie mogen ontvangen.

Vanuit Amsterdam kreeg ik wel het verzoek van COC Nederland of zij ook mochten aanschuiven. Aan de ene kant doorbrak dat de opzet van een interview, aan de andere kant was ik blij dat het daarmee een zaak van een veel bredere groep zou worden. Dus liet ik aan de vicevoorzitter van het COC, Vera Bergkamp, weten dat ik aan het bisdom zou vragen of ze een grotere delegatie zouden willen inwilligen.

Maar er kwam geen reactie uit het bisschoppelijk paleis en dus belde ik zelf op woensdag. Ja, we waren welkom, op vrijdag. De persbelangstelling was inmiddels enorm.

Meteen schreef ik een brief aan de bisschop om mijn zorgen over te brengen. Met de voorlichter van het bisdom sprak ik af dat we zouden moeten proberen om na afloop van het gesprek niet afzonderlijk, maar gezamenlijk een persconferentie te geven. Hij zou het voorleggen aan de bisschop en liet op donderdag weten dat de bisschop daar mee instemde. Dat is een positief signaal, dacht ik. Als de bisschop nu ook zou willen zeggen dat de kerk het al dan niet mogen ontvangen van de hostie aan het geweten van de gelovige zelf zou overlaten dan waren we weer bij af en kon wellicht een dialoog van start gaan.

Van de Amsterdamse theoloog Ton G.M. Smits ontving ik het boek In Dialoog, Samenleven doe je met elkaar, een prachtige leidraad voor een waardige discussie.

Vrijdag 26 februari. Aan het begin van het gesprek worden eerst de kranten even doorgenomen, het Eindhovens en het Brabants Dagblad hebben over twee pagina’s – onder de kop ‘Pastoor van Sodom en Gomorra in Reusel’ – het verhaal over ‘de obscure cultussen’ waarin weigerpastoor Luc Buyens is geïnteresseerd. Hij hoort tot de groep van de in 2002 overleden Papoeavrouw, beter bekend als ‘De Zieners van Valkenswaard’, die beweerde dat ze boodschappen van de maagd Maria ontving.

Trouw kopt over een volle pagina ‘Actie niet meer te stoppen’ en schrijft dat het weigeren van pastoor Buyens was ingegeven door aartsengel Rafaël. Deze vergeten engel, een overblijfsel uit het Jodendom, zou zijn verschenen in de achtertuin van een timmerman in Haaksbergen en die engel zou de pastoor nog zo hebben gewaarschuwd ‘tegen euthanasie, abortus en homofilie’.

NRC Next heeft zelfs de hele voorpagina gewijd aan deze kwestie. In een immens grote foto van twee priesterhanden die een roze hostie aan de gelovigen tonen staat de kop ‘Doet hij het of doet hij het niet’. Binnen in de krant twee volle pagina’s over het feit dat de rooms-katholieke kerk de hostie gaf aan mensen als Pinochet en Videla, maar niet aan gelovige prins carnaval in Reusel omdat bekend was dat hij een liefdesrelatie heeft met zijn vriend.

Aan een ronde tafel in het bisschoppelijk paleis aan de Parade in Den Bosch zitten bisschop Antoon Hurkmans, de vicaris-generaal, eerste vervanger van de bisschop en pastoor van de Sint Jan, plebaan Geertjan van Rossem, Vera Bergkamp, de voorlichters Michiel Savelsbergh van het bisdom en Philip Tijsma van homobeweging COC en ikzelf.

“Bent u familie van de voetballer?”, wil de bisschop van Vera Bergkamp weten. Een verre verwante, beaamt ze. “En de naam Tijsma komt uit Friesland? En u mijnheer Krol, u kennen we allemaal.”

De bisschop begint met een welkomstwoord. Hij laat weten dat er de afgelopen week heel wat dingen over hem heen zijn gekomen. “Dat was naar aanleiding van een gebeuren dat op zich goed was verlopen. Pastoor Buyens van Reusel heeft, omdat prins Carnaval een voorbeeldfunctie heeft en omdat de pastoor wist dat de prins niet leefde in overeenstemming met wat de kerk van hem vraagt, met hem besproken dat het beter zou zijn wanneer hij niet ter communie zou gaan. Dat is nodig om de kerk geen geweld aan te doen.”

De toon is gezet. Het geweld voor de kerk is kennelijk belangrijker dan het persoonlijke geweld dat de kerk hiermee berokkent aan de gelovige. De aanvankelijk hoop dat er mogelijkheden zouden zijn om elkaar te vinden wordt al in de eerste zin weggevaagd.

Er wordt op de deur geklopt. Geert van Tol, onze fotograaf, meldt zich. Hij mag zijn gang gaan.

De bisschop gaat verder met zijn betoog en legt uit dat de dorpspastoor heeft gesproken met de prins Carnaval. “Die zijn goed uit elkaar gegaan. Daarna hebben ze nogmaals met elkaar gesproken en ook met zijn moeder.”

Om de carnavalsmis niet te verstoren heeft de prins besloten niet ter communie te gaan. “Pastoor Buyens heeft dus niets hoeven weigeren. Daarmee is het goed opgelost. Maar daarna is het toch nog uit de hand gelopen.”

De bisschop komt ook nog even teug op de kwestie van een vrouw die een jaar eerder van pastoor Buyens te horen kreeg – terwijl het lichaam van haar plotseling overleden man nog boven de grond stond – dat haar homoseksuele zoon de hostie niet mocht ontvangen tijdens de begrafenismis. Daar zou de pastoor inmiddels zijn excuus voor hebben aangeboden.

Bisschop Hurkmans wil nog even kwijt dat het eerste verzoek voor een gesprek van de Gay Krant kwam en dat later ook het COC wilde aanschuiven. “Dat hebben we toegestaan en zelf hebben we ook plebaan Van Rossem erbij gevraagd. Dat doen we bij alle belangrijke ontmoetingen.”

 “Wat een eer!”, roepen Vera Bergkamp en ik in koor. Hurkmans met een kwinkslag: “En als jullie met drieën bent, dan willen wij ook graag met z’n drieën zijn om onze armoede niet ten toon te hoeven spreiden.” Even is er een lach. De spanning lijkt heel even gebroken.

De bisschop stelt voor om zijn persvoorlichter Michiel Savelsbergh te benoemen tot voorzitter van de bijeenkomst. Die laat op zijn beurt weten dat hij de benadering van Gay Krant en COC in deze kwestie ‘uiterst respectvol’ vindt. Er worden afspraken gemaakt over de woordvoering na afloop tijdens de aansluitende persconferentie.

Dan komt de werkelijke kwestie ter sprake. Veel gelovigen zijn teleurgesteld in de kerk en hebben die inmiddels verlaten. Zowel COC als Gay Krant dachten dat vooral homo’s daarin vooropliepen. Ze hadden er immers niets meer te zoeken. Maar uit de reacties die bij de homo-organisaties binnenkwamen, blijkt dat er toch ook veel mensen zijn die juist wel steun zoeken bij de kerk en dat er zelfs zijn die de kerk al tijden hebben verlaten en die terugverlangen naar de geborgenheid van weleer. Dat laatste geldt zeker voor hen die in een moeilijke periode van hun leven terecht zijn gekomen. De een voelt zich in de ene parochie warm opgenomen en volledig geaccepteerd, de ander wordt elders uitgesloten van onderdelen zoals de communie, die men nu juist zo belangrijk vindt omdat een communieverbod hen feitelijk buiten de geloofsgemeenschap plaatst. Die willen hun eigen geweten volgen, naar voren gaan en bekennen: ‘Heer, ik ben niet waardig, maar spreek slechts één woord en ik zal gezond zijn’. Die gelovigen – homo, hetero en hertrouwd of anderszins afwijkend van de Roomse regels – hebben net volste vertrouwen dat God ze zal zien als oprechte gelovigen en levend volgens normen en waarden die ze koesteren. Ze bonken als het ware aan de kerkdeuren en vragen als volwaardig lid te worden toegelaten. Die mensen zijn uit op een actie, ze richten een smeekbede aan de kerk.

Bisschop Hurkmans: “De vele reacties geven aan dat er een open zenuw is geraakt. De kwestie is gevoelig. Maar het is niet zo dat iemand die publiekelijk niet in overeenstemming leeft met de regels van de kerk dat het dan genoeg zou zijn als zo iemand zou zeggen ‘Heer ik ben niet waardig’. Dat geldt voor homoseksuelen, maar dat geldt evenzeer voor heteroseksuelen en voor broeders en zusters. Iedereen moet zich bezinnen of ze waardig zijn de communie te ontvangen.”

Volgens de bisschop is het in de praktijk ondoenlijk voor een priester om tijdens iedere mis voor elke bezoeker te beoordelen wie wel en wie niet waardig is. “Mensen worden op hun eigen verantwoordelijkheid aangesproken. Als ze de communie ontvangen maken ze zich één met Christus. Het is ook een geloofsbelijdenis.” De bisschop benadrukt dat de kerk bij gelovigen met een voorbeeldfunctie de taak heeft te kijken of het mensen zijn die wel of niet ter communie mogen gaan. “Ik heb zelf een vriend, een Lutherse bisschop. Als hij bij mij ter kerke komt, zeg ik hem van te voren dat hij niet ter communie kan gaan. Niet alles kan, en soms moeten we dat aangeven. Er zijn grenzen.”

Heteroseksuelen die voor een tweede keer getrouwd zijn en praktiserende homoseksuelen die volgens hun eigen geweten wel ter communie kunnen gaan, worden door u dus toch afgeraden dit te doen?

Plebaan Van Rossem: “Het gaat niet alleen om homo’s. Het is veel breder. We willen een algehele zorgvuldigheid als het gaat om het heiligste sacrament, de communie. Daar zijn we bezorgd over. De pastoor heeft daarbij de taak zijn parochie te instrueren. Bij bijzondere gebeurtenissen zoals een uitvaart of een carnavalsmis, waarbij mensen aanwezig zijn die normaal niet ter kerke komen, dan kan het gebeuren dat je voor de communie zegt wat het vooronderstelt. Je laat weten aan protestantse politici, zoals minister Donner, dat ze in plaats van een communie een zegen zullen ontvangen als ze naar voren komen. En voor iedereen geldt dat de ‘Tien Geboden’ het centraal handvat is voor de moraal van de kerk. Daar is seksualiteit een onderdeel van, maar ook hoe mensen over elkaar spreken. Doden, niet-doden, stelen, gerechtigheid, allerlei onderdelen van de geboden. En we verwachten dat je je seksualiteit in overeenstemming probeert te brengen met de kerk. Vervolgens kun je een onderscheid maken tussen mensen die ermee worstelen, die het proberen en mensen die zeggen ‘het interesseert me niet wat de kerk zegt’.”

Maar wat dan met de gelovige, homo of hetero, die het wel interesseert wat de kerk zegt en die toch persoonlijke geborgenheid vinden bij hun partner? Wat als je liefdevol om wilt gaan met je partner en daarboven respect wilt tonen voor de kerk?

De bisschop grijpt in en neemt het over van de plebaan. Hurkmans: “Dan zou het mooi zijn wanneer de partners er samen toe in staat zouden zijn dat te doen wat de kerk van hen vraagt. De kerk vraagt de seksuele beleving te reserveren voor het huwelijk.”

En dan bedoelt u niet het opengestelde burgerlijk huwelijk, maar alleen het kerkelijk huwelijk?

“Ja, dan hebben we het over het kerkelijk huwelijk.”

U zegt dus: een homoseksueel of een hetero die ongehuwd samenleeft met een ander, al heeft hij of zij nog zoveel binding met de kerk, hoort niet ter communie te gaan?

Bisschop Hurkmans: “Dat moet ik zo zeggen. De leer van de kerk is zo en die verkondig ik. We hebben dat als Nederlandse bisschoppen ook nog eens aan Rome gevraagd. Maar men blijft wel welkom. De pastorale zorg voor zulke mensen zal zeker niet kleiner zijn, eerder groter. En als die mensen zich buitengesloten voelen, vind ik dat heel jammer. Dat zijn niet alleen de opvattingen van de Nederlandse bisschoppen, dat is de zienswijze van de wereldkerk. Eventuele veranderingen moeten ook niet van Nederland komen, maar – als dat al zou gebeuren – van de wereldkerk. Dat is niet onze bevoegdheid.”

Plebaan Van Rossem: “Er is eerder een beweging om er juist wat minder los mee om te gaan. In de jaren zeventig vonden we dat iedereen, protestant, niet christelijk of wat dan ook, hoe je ook leefde, toch ter communie zou moeten kunnen gaan. Daar zijn we tegenwoordig niet meer gelukkig mee. Het is een verbintenis, een engagement, een geloofsbelijdenis en die is niet vrijblijvend. Er is een ontwikkeling om juist strikter te zijn.”

De vraag of homoseksualiteit, zoals pastoor Buyens zei, inderdaad een ‘grote zonde’ is, willen de kerkleiders niet beantwoorden. “Het homoseksueel zijn is net als het heteroseksueel zijn op zich niet zondig.” “Het verkeerd beleven van seksualiteit is wel ernstig”, vult de plebaan aan. “Als men ongeordend leeft, heeft dat een grote impact op die persoon, in die zin is het erg.”

Hoe legt u dat uit aan mensen die zagen dat de rooms-katholieke kerk wel de hostie gaf aan mensen als Videla, Pinochet en zelfs aan Hitler, en niet aan hen?

“Ja, dat kan ook niet. De personen die u opnoemt zouden er eerder van weerhouden moeten worden dan de homo’s.”

Eerder? Voelt u wat voor pijn dit veroorzaakt?

“Die heel diepe pijn voel ik heel goed en ik denk dat er onder homoseksuelen mensen zijn die misschien wel een grote sensibiliteit hebben voor de kerk, de mystiek en het geheim van het geloof. Juist van hen wordt een heel groot offer gevraagd. Die moeten we goede pastorale zorg geven.”

In de afgelopen week werd ik gebeld door twee pastoors uit uw bisdom. Ze bekenden me dat ze in grote gewetensnood waren gekomen. “Deze mensen gaven aan praktiserend homoseksueel te zijn en vroegen zich af of ook zij zichzelf geen hostie meer mochten geven als ze op het altaar hun parochie voorgaan.”

Hurkmans: “Ik zou zeggen: die moeten de mis niet doen.”

Die zondag erop was het afgeladen vol in de Sint Jan.

Vooraf probeerde ik de vele bezorgde katholieken op te roepen tot een waardige smeekbede.

“Lieve mensen, vandaag is het de laatste dag van de winter, morgen begint de meteorologische lente.

Gelovigen die zeker weten, diskwalificeren zichzelf als gelovige. En hoewel ik niets zeker weet, zelfs niet of god wél of niet bestaat, lijkt het me dat deze stelling zelfs zou kunnen gelden voor een bisschop.

Niet alle godsdiensten zijn gefixeerd op seksualiteit en op de afkeuring van bepaalde vormen, zoals seks voor het huwelijk, buiten het huwelijk en met voorbehoedsmiddelen. Dat geldt alleen voor godsdiensten die zijn ontstaan bij volken die leefden in of rond de woestijn.

Moeten we er ons iets van aantrekken? Je kunt toch ook gewoon wegblijven? Naar een andere kerk gaan? Aan de ene kant zou dat laf zijn. Wie in Jezus gelooft, probeert het goede te versterken en doet dat binnen de kerk (hoewel je je kunt afvragen of dit nog wel onze kerk is).

Aan de andere kant is dat gevaarlijk omdat veel priesters denken zoals de bekendste Nederlandse priester, homoseksueel en late roeping, Antoine Bodar. Hij zei bij NCRV’s Standpunt NL.  “De maatschappij mag zich niet met de kerk bemoeien, maar het is de plicht van de kerk zich met de maatschappij te bemoeien”. Daar wringt, zo geloof ik, de schoen.

Burgerlijke rechten en plichten komen democratisch tot stand. De wetten van de rooms-katholieke kerk, bepaalde protestantse kerken en van veel orthodox islamitische gelovigen niet.

Anders dan bijvoorbeeld bij veel verlichte protestantse kerken en de Oud Katholieke Kerk. Daar heeft men dan ook geen probleem met hertrouwde gelovigen, seks buiten het huwelijk en condoomgebruik.

We kunnen dus kiezen om de kerk te verlaten en over te stappen, maar we weten dan dat ‘zekerweters’ in plaats van ‘gelovigen’ overblijven in een Kerk die bij monde van Bodar al heeft laten weten zich in te spannen zich met de richtinggeving van de maatschappij te blijven bemoeien.

En dat doen ze goed, dankzij hun sterkte maatschappelijke posities, hun grip op het onderwijs, instellingen en enorme krachtige lobby tot aan de Verenigde Naties toe.

Daarom kennen we in Nederland bijzondere scholen waar ze nog steeds – onze regering was daar veel te slap in – de enkele feit constructie hebben kunnen handhaven, daar leren ze dat zich moeten verdedigen met het begrip ‘godsdienstvrijheid’ (de vrijheid om godsdienstig te mogen zijn en volgens mij niet de vrijheid om je wil aan anderen op te leggen), maar ook in de zorg, waar mijn eigen lieve moeder aan het eind van haar leven, tegen haar wil, langer moest sterven en pijn lijden dan menselijk was. Scholen en instellingen die overigens meestal alleen kunnen draaien dankzij subsidies van ons aller overheid.

Jezus nodigde iedereen uit, maar er zijn kerkleiders die het beter weten dat Jezus zelf. Die gaan ook niet meer uit van het eigen geweten, maar beslissen - zeker als het om mensen met een voorbeeldfunctie gaat - zelf wie ze uitsluiten.

Laten we dat instituut over ons allen – ook niet rooms-katholieken – beslissen? Of pakken we de makkelijke weg en halen we onze schouders op zoals helaas erg veel mensen doen? Dan moeten we niet zeuren over de kwalijke invloeden van zekerweters die zich gelovigen noemen op om de maatschappij die van ons allemaal is.

Of is het een taak om ze - liefdevol omdat we geloven dat Jezus het anders bedoelde – op andere gedachten te brengen? Als dat zo is, dan moeten we misschien, net als in het Bijbelse verhaal van Jericho, de schijnbaar onneembare stad, met zijn dikke muren, zeven zondagen rond de kerk lopen en onze smeekbedes herhalen. De plebaan, de bisschop en het kerkbestuur hebben dan zeven weken de tijd om nog eens goed na te denken.”

De mis begint waardig. Maar meteen aan het begin al zocht plebaan Geert-Jan van Rossum regelrecht de confrontatie. Gevolg, een grote groep mensen verliet demonstratief de kerk.

Even later deed hij het nog eens dunnetjes over in zijn preek. Weer verdwenen er velen uit zijn kerk.

En toen kwam de communie die hij niet deelde met de gelovigen, maar die hij wel zichzelf en de acolieten schonk. Daarmee liep vrijwel de hele kerk leeg. Vera Bergkamp, Lianne Ploumen en ik zaten op het achterste bankje en verbaasden ons over zoveel onbegrip vanaf het altaar.

De discussie was nu overal. Radio- en tv-zenders stonden er bol van. Meteen na het weekend werd bekend dat inmiddels een werkgroep was opgericht van notarissen, oud-notarissen en mensen uit de praktijk, zoals juristen, die waarschuwt voorlopig terughoudend te zijn met schenkingen en legaten aan de rooms-katholieke kerk. Voorzitter van de werkgroep is notaris Maarten L. Segers. Hij merkte dat er collega’s zijn die gewetensbezwaren hebben tegen het begeleiden van zaken waarbij een een instituut is betrokken dat willens en wetens mensen achterstelt.

De afgelopen dagen was er veelvuldig contact geweest tussen notarissen en juristen. Ze besloten een werkgroep op te richten die gaat onderzoeken of legaten en schenkingen die zijn gedaan, indruisen tegen de goede zeden of wellicht zelfs tegen de anti-discriminatiewetten. Als dat zo is dan kunnen ze door belanghebbenden of familieleden mogelijk worden teruggedraaid. Totdat de resultaten van het onderzoek bekend zijn, vraagt notaris Segers aan al zijn collega’s terughoudendheid te betrachten bij nieuw op te stellen akten omdat die wellicht vernietigbaar zouden kunnen zijn.

Twee jaar geleden zocht het bisdom Den Bosch contact met notarissen om schenkingen en legaten aan de kerk meer onder aandacht van hun cliënten te brengen. Ook toen reageerden de notarissen uiterst terughoudend om hun onafhankelijkheid niet in gevaar te brengen. De werkgroep heeft contact gezocht met bisschop Antoon Hurkmans van het bisdom Den Bosch die vorige week na een gesprek met de hoofdredacteur van de Gay Krant Henk Krol en COC vicevoorzitter Vera Bergkamp liet weten dat ‘iedereen die volgens de kerkelijke regels in zonde leeft’ dient te worden uitgesloten van het sacrament van de communie. Hij noemde daarbij mensen die seks hebben voor het huwelijk, voor de tweede keer zijn gehuwd en praktiserende homoseksuelen. Een van de leden van de werkgroep was afgelopen zondag aanwezig bij de mis in de Sint Jan in Den Bosch en stelde vast dat plebaan (pastoor) Geertjan van Rossem onnodig krenkend was tegen groepen in de samenleving die volgens algemeen geldende wetten bescherming verdienen.

Het bisdom was volgens de werkgroep niet bereikbaar voor nader overleg met de notarissen.

Voorzitter Segers vertrouwde erop dat de bisschoppen toch met een niet-discriminerende en passende oplossing zullen komen, die gewetensbewaarde notarissen tegemoet zal komen. “Ik verwacht dat zeker van Antoon Hurkmans. De bisschop die immers werd vernoemd naar Antoon Hurkmans, de broer van zijn vader. Uit respect voor zijn oom, die samen met zijn vriend in één graf ligt op de begraafplaats van Someren, zal hij ongetwijfeld begrip hebben voor het leed dat hij bij velen onnodig berokkent.”

Ook de toenemende berichten over misbruik door priesters zorgden ervoor dat de kerk alleen maar in een lastiger parket kwam te zitten.

Daarom belde ik maandag opnieuw met het bisdom en ook het COC vroeg of het niet verstandig was opnieuw rond de tafel te gaan zitten. Dat gebeurde woensdag op de werkkamer van de plebaan.

Daar was sfeer heel anders dan de week ervoor bij de bisschop. Maar er was natuurlijk ook wel wat gebeurd.

De dagen ervoor was de kwestie uitgegroeid van een relletje tussen een dorpspastoor in Reusel en de plaatselijke carnavalsprins tot een enorme kwestie waar bijna iedereen zich mee bemoeide en wat het gesprek van de dag was, zeker voor gelovigen en ex-gelovigen in het bisdom Den Bosch.

De volkswoede werd nog eens gevoed door de harde woorden van de bisschop tijdens de persconferentie na het eerste gesprek met de vertegenwoordigers van de homobeweging. Vanaf dat moment realiseerden heteroseksuelen dat het verbod ook anderen trof. 

Na de uitlokkende en keiharde woorden van plebaan Geert-Jan van Rossem, tijdens de hoogmis van afgelopen zondag, werd de zaak verder op de spits gedreven. Homoseksuelen die na een oproep van onder meer COC, de Stichting Vrienden van de Gay Krant en Embrace Pink met een ‘smeekbede’ naar de Sint Jan waren gekomen voor een waardige bijeenkomst, hoorden onnodig harde, krenkende en veroordelende woorden uit de mond van de zielenherder.

Vanaf dat moment groeide het verzet en sloeg de vonk over naar andere groepen. Trouwe gelovigen werden boos. Kranten, vooral in het Bisdom Den Bosch, werden overladen met protestbrieven. Hoofdcommentaren waren vernietigend. De regionale zender hoorde op straat vooral bezorgde burgers. Er werden meerdere aangiften gedaan bij de politie. Veel vrouwen wezen erop dat de kerk ook voor hen discriminerend is; theologen van naam en faam toonden aan dat de bisschop een enorme fout maakt en ouderen schreven massaal aan de kerk en aan hun eigen pastoors dat dit de druppel is die de emmer deed overlopen.

Uit een onderzoek van Brabants Dagblad en Eindhovens Dagblad bleek dat bijna alle pastoors uit hun verzorgingsgebied zich op dit punt afkeerden van het bisdom. Zij kondigden aan juist wel aan iedereen van goede wil de communie te zullen blijven geven. Het ANP peilde de pastoors in Limburg. Daar bleek eenzelfde opstand tegen het bisdom. Pastoors lieten de pers massaal weten dat ze werden overstelpt door boze parochianen die te maken hadden met praktijkgevallen, zoals een tweede huwelijk, een lesbische dochter of een abortus. Het dagblad Trouw toonde aan dat pastoors in het hele land zich keren tegen Rome.

Van alle kanten kwam protest. De Mariënburggroep, een vereniging van intellectuele katholieken, gaf een verklaring uit waarin ze het standpunt van de kerk ‘achterhaald’ noemde en ook bekende gelovigen zoals Huub Oosterhuis en monseigneur dr. Dirk Jan Schoon, bisschop van de oud-katholieke kerk, lieten krachtige tegengeluiden horen.

De aanhoudende berichten over tientallen gevallen van misbruik van kinderen door dienaren van de kerk maakten de zaak alleen maar explosiever. Met dit alles is de weerstand tegen het achterhaalde kerkelijke standpunt zo groot dat er door iedereen gezocht moest worden naar een uitweg.

Het was duidelijk dat het kerkbestuur en de plebaan daar niet anders over dachten. Al snel gaf men toe dat de woorden van de plebaan in elk geval onbedoeld heel anders waren overgekomen dan men vooraf had ingeschat.

Wat nu?

Of Vera en ik een oproep konden doen aan mensen om af te zien van actie. Graag, maar dan moest er van het kerkbestuur toch eerst een verklaring komen om aan te geven dat ook zij de gang van zaken betreurden en waarin duidelijk werd gemaakt dat het de gelovige zelf is die het met zijn geweten i n overeenstemming moet brengen of hij wel of niet ter communie wil gaan. Dat zou ook moeten gelden voor ongehuwd samenwonenden, mensen die voor de tweede keer getrouwd zijn en homoseksuelen.

Wat zou er dan in zo’n bericht moeten staan, vroeg de plebaan. Tja, dat moeten jullie toch echt zelf bedenken zei ik en op dat moment zag ik ineens iets heel opmerkelijks. Het zal geen enkel belang hebben, maar toch. Achter hem in zijn boekenkast stond een enorme David van Michelangelo.

"Weet u wat? Vera en ik gaan even een half uurtje een kopje koffie drinken aan de overkant, bel ons maar als jullie een verklaring hebben bedacht."

Na drie kwartier rinkelde mijn gsm. De tekst was klaar, of we wilden komen kijken.

Met een druk op zijn pc rolde een velletje papier uit de printer:

“Afgelopen zondag hebben we in onze eucharistieviering gezien dat onbedoeld groepen gelovige mensen zich gekwetst hebben gevoeld. Dat was uitdrukkelijk niet onze intentie. Dat betreuren wij. Het is ook niet de intentie van de kerk om groepen gelovige mensen te kwetsen, maar veeleer hen een plaats te geven in de gemeenschap.

Het is onze uitdrukkelijke wens om aanstaande zondag een normale en waardige eucharistieviering te hebben waar ook de heilige communie kan worden uitgereikt. We spreken de wens uit dat eenieder die de viering graag wil bijwonen aanstaande zondag wil meehelpen om het tot een waardige en respectvolle viering te maken, en daarom afziet van demonstratie en provocatie (zoals het dragen van provocerende teksten op kleding). De kerk is geen podium voor demonstraties. De verstoring van de eucharistieviering is immers voor de gelovigen evenzeer kwetsend.
Vanuit de criteria die de kerk daarvoor aanreikt, laten we het aan de gewetensvolle verantwoordelijkheid van de gelovigen zelf over om de afweging te maken al dan niet te communie te gaan. Deze gewetensvolle afweging houdt in, zoals onlangs nog door monseigneur Hurkmans werd herbevestigd, dat men gedoopt is, gelooft in de waarachtige aanwezigheid van het lichaam van Christus, in de heilige communie en leeft in eenheid en overeenstemming met Christus en de kerk.”

In een vergaderzaal naast de werkkamer van de plebaan stelden Vera en ik de volgende aanvullende verklaring op:

“COC Nederland en Stichting Vrienden van de Gay Krant hebben kennis genomen van de verzoenende woorden van het kerkbestuur van de St.-Jan in Den Bosch. De twee homobelangenorganisaties verklaren: “De discussie is op gang gebracht en moet worden voortgezet. Er bereiken ons signalen dat er grote groepen zijn – buiten onze achterban – die niet langer tegemoet willen komen aan onze oproep tot een waardige smeekbede. Daarom is het niet zinvol om door te gaan met de door ons eerder aangekondigde smeekbedes. Het kerkbestuur heeft aangegeven behoefte te hebben aan een langdurig contact voor verdere verdieping van deze dialoog. COC Nederland en de Stichting Vrienden van de Gay Krant zullen zich blijvend inzetten voor de belangen van onze achterban.”

Nu maar hopen dat die discussie snel op gang kan komen.

Buiten stonden de camera’s klaar van Omroep Brabant en NOS Journaal. Eenmaal thuis belde ook RTL en de Telegraaf. Rond half vier was de tv-ploeg bij me thuis, net toen ze klaar waren belden enkele bloemisten aan, ze kwamen boeketten brengen van mensen die op de radio vernomen hadden dat er een doorbraak was. Vier bloemstukken waren afkomstig van pastoors. Snel haalde ik de kaartjes weg. Je moet er toch niet aan denken dat hun namen via het scherm bekend zouden worden bij de bisschop…

Vrijdag leek de rust weergekeerd. Heel onbegrijpelijk en volgens mij ook onverstandig had het bisdom weliswaar besloten de uitzending van de mis uit de Sint Jan op te schorten, maar voor de rest was de kou uit de lucht.

Tijd om met de achterstallige e-mails te beginnen. Op de achtergrond stond Omroep Brabant aan. En ineens hoorde ik een interview. Pastoor Cor Mennen uit Oss was woedend op bisschop Hurkmans van het bisdom Den Bosch. Mennen is uitgerekend adviseur van deze bisschop, maar brieste nu via Omroep Brabant dat zijn bisschop ´liegt´en ´door de knieën is gegaan voor de roze maffia´.

Pastoor Mennen, docent canoniek recht aan het seminarie van Den Bosch, heeft geen goed woord over voor de handreiking aan gelovige homoseksuelen, gescheiden en samenwonende heteroseksuelen en anderen die niet voor de volle honderd procent leven volgens de middeleeuwse regels van de kerk.

De adviseur van de bisschop raadt iedereen, die het niet eens is met de leer van Rome, aan om zich af te melden als lid van de rooms katholieke kerk. "Niemand is verplicht katholiek te zijn."

Volgens Mennen leven homoseksuelen in zonde en mogen zij niet ter communie gaan. Hij vindt het een schande dat bisdom en Sint-Jan daar nu tegen in gaan: "Ik was blij met het principiële standpunt van de kerk. Dat kwam misschien hard over omdat het al zo lang niet meer gehoord was, zeker door mensen die minder voeling hebben met de kerk."

De recente smeekbedes tegen het standpunt van de katholieke kerk omschrijft Mennen als 'homogeweld': "Allemaal mensen die nooit in de kerk komen en zich niet weten te gedragen. Ze hebben geen gevoel voor heiligheid."

Volgens Mennen gaat het niet eens zo zeer om een gewijzigd standpunt van bisschop Hurkmans. Volgens de conservatieve pastoor ging de plebaan van de Sint-Jan door de knieën omdat hij bang was dat de 'roze mafia uit Amsterdam' naar Den Bosch zou komen. "Ik zou gezegd hebben: doe de kerk dan maar dicht en zet er maar op 'Gesloten wegens vervolging'. Op deze manier ga je niet met elkaar om. Homofielen hebben natuurlijk het recht hun zaak te bepleiten, maar niet binnen de kerk of de eredienst." Er is volgens hem geen sprake van een mea culpa van de kerk, ook al gaat een individuele pastoor door de knieën.

"Laat ze maar eens een moskee binnengaan", gaat hij verder, "en op die manier met de koran omgaan. Ze zullen hun leven niet meer zeker zijn. Wij doen zulke dingen niet, maar we mogen wel verontwaardigd zijn."

De katholieke kerk heeft volgens hem een evenwichtig standpunt als het om seksualiteit gaat. "Niemand is verplicht om lid te zijn van de katholieke kerk." Hoe verwacht hij dan dat het tot een verzoening komt? "De kerk verzoent zich alleen met mensen als ze zeggen dat ze spijt hebben van wat ze hebben gedaan. Het is niet zo dat God of de kerk zegt: het is goed wat u gedaan heeft. Ga maar door. Da's toch te gek voor woorden. Je moet op een andere manier gaan leven."

"De wereld eist nu dat de kerk gaat leven volgens de wereld. De kerk kiest liever voor de wilde dieren waar ze in het Romeinse Rijk voor geworpen werden. Dit is het gevolg van veertig jaar flower power prediking. Heikele thema's werden weggelaten en moraliteit werd verdoezeld want dat lag niet zo goed. We moeten duidelijk zijn waar de kerk voor staat."

Mennen is niet bang dat mensen de kerk gaan verlaten: "Die zijn allang weg. Hoeveel procent van de demonstranten denkt u dat wekelijks in de kerk zit en de eucharistie belangrijk vindt. Heel weinig en misschien wel helemaal geen een. Ik ben heel boos en ik denk terecht."

Zucht, zucht.

 

Donderdag 18 februari 2010

Een van de standhouders van de Gay Bride is boos op me. Tijdens de twee beursdagen, afgelopen weekend, heb ik met bijna alle vijfenzeventig exposanten gesproken. Niet met hem. Zijn vrouw en hij zijn er heilig van overtuigd dat ik dus een hekel heb aan hetero’s.

Daar zakt m’n broek van af.
Zowel zaterdag als zondag ben ik steeds twee uurtjes aanwezig geweest. Ter plekke heb ik veel bezoekers de hand geschud, als ambtenaar van de burgerlijke stand een huwelijkspaar kunnen faciliteren, de organisatie bijgestaan en veel binnen- en buitenlandse persvertegenwoordigers bijgesproken. Best leuk allemaal. Erg dankbaar.

Met een voldaan gevoel kijk ik terug op de Gay Bride, maar kennelijk heb ik toch iemand op zijn lange zere tenen getrapt.

In een telefoontje met de Gay Krant liet hij weten dat hij erg in mij teleurgesteld was. Ik was een paar keer voorbij zijn stand gelopen en had hem en zijn vrouw niet aangesproken.

Ik heb hem maar meteen teruggebeld, want dergelijke misverstanden vind ik vervelend. “U gaf de indruk dat u homo’s anders behandelt dan hetero’s”, zo zei hij me.

Mijn bezweringen dat dat écht onzin is, gingen finaal aan hem voorbij.

“En zal ik u eens wat zeggen mijnheer Krol? Die beurs werd georganiseerd door een heterovrouw. Dat is fout. Dat had moeten gebeuren door een homo.”

Ik heb even geen weerwoord.

28 januari 2010

Dit voelt niet goed. Ik heb voor bijna honderd procent het gevoel dat ik zojuist vreselijk ben besodemieterd.

Al enkele maanden ben ik Babs, Buitengewoon Ambtenaar voor de Burgerlijke Stand. In die hoedanigheid kan ik op verzoek een rol vervullen voor paren die gaan trouwen. Na zoveel jaar strijd om het huwelijk opengesteld te krijgen is dat gewoon leuk om te doen. Zo mag ik op 13 februari in de Amsterdamse Gashouder de plechtigheid leiden voor twee knullen die daar tijdens The Gay Bride elkaar het jawoord zullen geven.

Maar de meeste huwelijken sluit in mijn eigen gemeente Eindhoven en bijna allemaal zijn het heterostellen. Geen probleem, ik ben immers geen weigerambtenaar. Maar vandaag had ik toch het liefst een huwelijk willen afblazen.

Op mijn bordje belanden twee soorten huwelijken: verzoeknummers van mensen die het leuk vinden wanneer ik hun Babs ben en stellen die me krijgen toegewezen. Beide groepen zijn leuk. Als je wordt gevraagd, weet je dat het paar dat extra feestelijk vindt, als je wordt toegewezen kom je op vreemdste plekken.  Je hoort de opmerkelijkste verhalen en je mag ongegeneerd een blik werpen in twee privélevens.  Ik merk dan dat ik best wel wat voyeuristisch trekjes heb.

Vandaag had ik echter een stel dat vooraf geen enkel contact wilde. Het moest zo sober mogelijk. Toen ik de man een week geleden belde, maakte hij me duidelijk dat hij geen enkele poespas wilde.  Zelfs het gebruikelijke trouwboekje vond hij onzin. Wel had hij behoefte aan een internationale acte. Hij  kwam voor die papieren en verder niets.  Uit de stukken bleek dat hij Nigeriaan is en zijn aanstaande bruid is een Poolse.

Precies op tijd kwamen ze het gemeentehuis binnen met twee getuigen. Hij liep voorop, zij volgde er vele meters achteraan. De assistente van de gemeente of de ambtenaar heeft dan altijd een kort gesprek voor je de trouwzaal binnen gaat, zeker als een écht voorgesprek zoals nu niet op prijs werd gesteld. Ik wilde weten of ze elkaar na het jawoord wilden zoenen omdat dit in bepaalde culturen niet gepast is. Ook is het voor de assistente handig te weten of het paar ringen gaan uitwisselen.

Mijn vraag in het Engels over de kus maakte dat ze zich ongemakkelijk gingen voelen. Het viel me op dat ze hem geen moment aankeek, maar wel nee schudde, terwijl hij bijna onverstaanbaar mompelde: ‘vooruit maar’. Muziek was ook niet nodig.

Daar zaten we dan met z’n zessen in de trouwzaal. Ze schrokken zichtbaar toen ik mijn Engelstalige inleiding begon met de mededeling dat ik ze niet ging trouwen. “Dat is een veelgehoord misverstand”, vervolgde ik. “Er zijn ambtenaren die zeggen dat ze een paar trouwen, maar dat is niet zo. U trouwt elkaar. Ik heb alleen te taak om namens de overheid erop toe te zien dat aan alle voorwaarden is voldaan. En volgens de afdeling burgerzaken van de gemeente is dat kennelijk het geval.

Ik probeerde ze ook nog mee te geven wat de bijzondere meerwaarde is van het huwelijk: de derdenwerking. Bij een notaris zijn alleen de mensen gebonden die een handtekening zetten, bij een huwelijk is meteen de hele maatschappij betrokken. Het heeft rechtsgevolgen voor de werkgevers, voor pensioenfondsen, voor familie, voor overheden en wat al niet meer.

Ik zag hem op zijn horloge kijken en zij tuurde de andere kant op.

“Wilt u gaan staan en kunt u mij antwoorden op de vraag die ik u nu ga stellen…”

Bijna mechanisch stonden ze op en braaf zeiden ze ‘ja’ op de huwelijksbelofte. Daarna werden de papieren getekend. “En waar is de internationale acte?”, wilde de nieuwbakken bruidegom weten. Die kunt u aansluitend ophalen bij de afdeling burgerzaken.

Ik zag ze met z’n vieren naar buiten lopen, zoekend waar ze heen moesten.

“Die zien elkaar vandaag voor het eerst”, zei de assistente. Ik ben bang dat ze gelijk heeft.

17 januari 2010

“Ik denk dat ik ons oude tweepersoonsbed weer neerzet.” Vader is uiterst serieus als hij me dit vertelt. “Dat eenpersoonsbedje is veel te smal voor ons samen.”

Ik kijk pa vragend aan.

“Tja, het klinkt misschien raar, maar elke nacht ligt moeder gewoon weer naast me. Ik weet dat het niet kan. Ik realiseer me dat ze dood is, maar ze ligt er echt. In mijn slaap voel ik haar zelfs. Als ik dan helemaal wakker ben, is ze weg.”

Elke ochtend loopt moeder ook nog steeds door zijn appartement. “Als ik de kamer binnenkom, hoor ik haar in de keuken, bezig boterhammen te smeren. Ik ga dan naar haar toe en zeg: ‘Je bent dood, meisje, je kunt niet meer eten’. Maar ze is er iedere dag opnieuw. Zowel ’s ochtends  in de keuken als ’s avonds in bed.”

Ik stel hem voor mee naar Eindhoven te rijden en samen dankbrieven te schrijven naar de meer dan honderd mensen die hun medeleven hebben betoond met het overlijden van moeder. Hij stribbelt tegen. “Ik heb nog helemaal geen zin om de deur uit te gaan.”

Kennelijk is hij er nog niet aan toe. Dat moet ik respecteren. Maar even later staat hij met moeite op uit zijn stoel. “Ik ga een andere broek aantrekken”, zegt hij resoluut. Het past niet bij hem om te zeggen dat hij van gedachten is veranderd. Dit is zijn manier om toch een ommezwaai te maken.  

Met veel passen en meten stapt hij in mijn auto. We rijden samen van Tilburg naar Eindhoven. “Ik ga volgende week voor het eerst naar de fysiotherapeut”, meldt hij met trots in zijn stem. “In zijn praktijkruimte staan apparaten waar je onder begeleiding op kunt trainen. Dat wil ik proberen, misschien word ik dan weer wat mobieler. Hopelijk kan ik dan binnenkort weer iets beter lopen.”

“Ben je deze week wel naar de gym geweest, pa?”

“Nee. Ik was in slaap gevallen. Ik schrok wakker, vijf minuten voordat het zou beginnen. Dat komt door moeder. Met haar gedraai houdt ze me elke nacht wakker en dan val ik overdag wel eens in slaap.”

Bij ons thuis in Eindhoven is hij ineens weer helemaal bij zijn positieven. Hij dicteert me een geweldige brief en we zijn een hele middag intensief bezig om iedereen persoonlijk aan te schrijven. Het verbaast me dat hij de meeste adressen uit zijn hoofd kent, inclusief correcte huisnummers. Ik hoef alleen de juiste postcodes op te zoeken.

Als ik hem samen met Reon uren later weer naar Tilburg breng, vermoed ik dat ik er moeër van ben dan hij.

11 januari 2010

Na het overlijden van moeder raakte ik in een grotere depressie dan verwacht. Gek. Al enkele jaren was dat oude dementerende vrouwtje eigenlijk niet eens mijn moeder meer, maar toch…

Nu ze er niet meer is, zal er nooit meer iemand zijn die zo onbaatzuchtig liefde zal schenken. Geven zonder ooit iets terug te vragen. Die gedachte maakte me droef. Daarbij komt het knagende gevoel dat ik 25 jaar geleden wel erg naïef was toen we begonnen met de strijd voor de openstelling van huwelijk. Na 16 jaar knokken hadden we het verlangde resultaat, maar bovendien een torenhoge rekening. Die is nog steeds voor bijna de helft onbetaald. Het gebrek aan solidariteit om dit probleem op te lossen, geeft me een voortdurend rotgevoel.

Zonlicht is volgens deskundigen de beste remedie tegen zwaarmoedigheid en dus boekten Reon en ik een last minute naar de zon. Op 1 januari, meteen na de crematie, konden we weg. Waarheen? Op internet stonden maar een paar bestemmingen die ons redelijk leken. Een ervan was een tiendaagse trip naar Agadir aan de Atlantische Oceaan in het zuiden van Marokko. Wij naar een islamitisch land waar homoseksualiteit volgens artikel 489 van het Wetboek van Strafrecht is verboden? Ach, waarom ook niet? We gaan immers naar Agadir voor zon en rust.

Het vertrek is vanaf een besneeuwd Düsseldorf met een overstap in Nürnberg en ’s middags al aankomst in het majestueuze hotel aan het strand. Onze zeer ruime kamer heeft een sprookjesachtig uitzicht over zee. 28 Graden geeft de thermometer op de boulevard aan. Heerlijk. Zelfs als Agadir verder niets te bieden zou hebben, zoals de meeste reisgidsen suggereren, dan nog is het er beter dan in het koude, sombere en donkere Nederland.

Vandaag is het al weer de 11e januari. Morgen vliegen we terug. Deze dag viert Marokko zijn 66ste Onafhankelijkheidsdag. Deze datum in 1944 werd de onafhankelijkheidspartij Istiqlal opgericht, die het land naar zelfstandigheid leidde. Maar het zou nog tot 2 maart 1956 duren voordat de Franse bezetter dat ook wilde erkennen.

Inmiddels is Marokko een trots land met uiterst vriendelijke en toegankelijke inwoners. Reon en ik bezochten er onder meer Marrakech en Tiznit, maar we zijn vooral enthousiast over Agadir zelf, de stad die op 29 februari 1960 werd getroffen door een allesvernietigende aardbeving. Meer dan 12.000 mensen vonden de dood. Ogenblikkelijk werd met de wederopbouw begonnen. Zelfs de koning wilde uitgerekend hier twee paleizen. En het resultaat van al die inspanningen mag er zijn. Agadir is nu een bloeiende stad met een mondaine jachthaven, internationale bezoekers en een oogverblindende zeepromenade.

Dit land heeft toekomst. Dat merk je aan alles. Niet voor niets tekenen vertegenwoordigers van de Chinese en de Marokkaanse regering uitgerekend vandaag een contract voor de aanleg van een enorm park met zonnepanelen dat over enkele jaren een deel van Europa van energie moet voorzien.

Als je ’s avonds op het terras aan zee zit van La Madrague vallen vele mooie dingen samen: een restaurant gedreven door een sterrenkok uit Brussel, de frivoliteit waar St Tropez ooit prat op kon gaan, een temperatuur die paradijselijk is en een pittoresk aangelegd nieuwbouwwijkje met luxe appartementen en boetieks die alles bieden wat een verwende klant zou kunnen wensen.

Dat homoseksualiteit in het dagelijkse leven geen enkel probleem blijkt te zijn, hadden we al bemerkt van onze meer dan vriendschappelijke gids en chauffeur Mohammed en zeker van het amicale personeel van patisserie La Fontaine, waar op het terras voornamelijk jonge Marokkanen komen met puppy-ogen en Bambi-wimpers.

Op deze plek zou je best een mooi leven kunnen leiden. Een bestemming die uitermate geschikt is voor een tweede woning in een klimaat dat zomer en winter nagenoeg gelijk is en uiterst draaglijk mag worden genoemd. Tel daar bij op dat de regering aangename belastingvoordelen geeft aan buitenlanders die zich hier willen vestigen. Maar ja, dan is er nog dat andere klimaat dat wordt bepaald, niet door de bevolking, maar door het handhaven door de regering van Artikel 489.

Uitgerekend op deze Onafhankelijkheidsdag komt de oude actievoerder weer in me boven. Maar dat is ongepast. Marokko moet zelf immers zijn eigen geschiedenis schrijven. Twee vrouwen Nadia Kadiri en Soumia Berrada legden daarvoor afgelopen weer een forse eerste steen. Hun net verschenen seksueel voorlichtingsboek zette Marokko op z’n kop. Op vrijwel alle radio- en televisiezenders en in kranten en weekbladen wordt volop gediscussieerd over een studie die werd verricht door deze twee vrouwen, een psychiater en een seksuoloog.

In hun boek Manuel d’éducation sexuelles doorbreken ze het taboe over maagdelijkheid, seks buiten het huwelijk, masturbatie, homoseksualiteit en seksueel geweld. De vrouwen kwamen tot het schrijven van hun boek omdat tijdens hun werk bleek dat veel jonge Marokkanen aan seks beginnen voordat ze zijn voorgelicht. Door de invloed van buitenlandse tv-zenders, dvd’s en vooral het internet hebben ze volgens de vrouwen een vertekend beeld. De twee professoren verbonden aan de Universiteit van Casablanca willen met hun handleiding jonge Marokkanen helpen met het in balans brengen van hun seksuele gevoelens. Vier hoofdstukken zijn gewijd aan de islam en seksualiteit, twee zaken die soms op gespannen voet lijken te staan. Vooral bij het onderwerp homoseks zijn de vrouwen aanzienlijk toleranter dan binnen de islam gebruikelijk is. Om hun thema’s inzichtelijk te maken is een deel verwoord in de vorm van een quiz.

Als gevolg van het verschijnen van het boek wordt er in Marokko ineens veel openlijker dan voorheen gesproken over homoseksualiteit. De vrouwen menen dat de openheid van het internet het op den duur gaat winnen van het dogmatisme van de godsdienst.

Als dat werkelijk zo zal zijn dan denken Reon en ik er hard over ons huis in Nederland te verkopen en in plaats daarvan twee kleine appartementjes te kopen. Een in Nederland en een in La Marina, het vrolijke haventje van Agadir.

29 december 2009

Gisteren is moeder gecremeerd. In stilte. Vader, haar twee kinderen met onze partners en de hulp en haar man. Zo wilde ze dat. Vandaag zal pas de advertentie in de krant verschijnen.

Een korte sobere plechtigheid. Het verwerken kan nu beginnen.

Daarna de kleine nog overgebleven familie gebeld. Waaronder iemand met wie ik al jaren geen contact meer heb gehad.  Gek, waarom eigenlijk niet? Er is kennelijk ooit iets voorgevallen, iets waarvan wij kinderen niet of nauwelijks weet hadden. Zo’n stem klinkt dan toch heel vertrouwd. Alsof je haar vorige week nog aan de lijn had.

Mijn voornemen voor 2010: ik wil de vriendschappen die ik heb koesteren en proberen verwaterde vriendschappen,  waar mogelijk, heel voorzichtig, weer wat te laten opbloeien.

27 december

“Does your mother know you’re here?” Ik was helemaal niet verbaasd over die vraag. Wel dat ik hem hier tegenkwam. John Stamford, de in Amsterdam woonachtige Britse uitgever van de Spartacus Gay Guide. We stonden daar aan te schuiven in dezelfde lange rij van een statig modern hotel in het centrum van Chicago. De homopers was er om zich te laten accrediteren voor de jaarlijkse International Mr. Leather verkiezing. Het was in 1982 of ‘83. We behoorden tot de weinige Europeanen die er op af waren gekomen. Vrijwel alle andere persvertegenwoordigers kwamen uit alle staten van Amerika en Canada.

“Ja, mijn moeder wist dat.” Ik besloot zelfs een grapje uit te halen. Nadat ik de kaartjes voor het gebeuren in de Gold Coast aan Clark Street had bemachtigd, liep ik naar onze hotelkamer, waar moeder zat te wachten. Ze ging wel vaker met me mee als ik op persreis was. Dit keer een bezoek aan dr. Tom Waddell in San Francisco, de oprichter van de Gay Games, en aansluitend een bezoek aan de verkiezing van de mooiste man in het leer, toen al een enorm jaarlijks evenement in Chicago.

“Je zou vanavond naar het theater gaan, maar vind je het ook leuk om samen met me die wedstrijd voor leermannen te gaan bekijken?” Moeder wel, die vond dat prachtig. Ze wilde alles meemaken. Naast haar werk in het onderwijs, bij horecaopleiding de Rooi Pannen in Tilburg, was ze de administratief medewerkster van de Gay Krant, die in die beginjaren groeide als kool. Moeder deed de abonnementenadministratie. Iedereen op de krant noemde mijn ouders ‘vader’ en ‘moeder’. Pa, in het dagelijkse leven economisch directeur van safaripark Beekse Bergen, was verantwoordelijk voor de boekhouding en ma voor de verzendadressen. Ze gingen beurtelings overal mee naar toe.

Die avond zat ze in Chicago naast me aan de perstafel op de eerste rij voor het podium. Toen John vragend keek wie deze vrouw was, stelde ik haar voor: "May I introduce my mother". Ik zal zijn verbaasde gezicht nooit vergeten.

Zo was moeder ooit mijn kofferdraagster in New York, toen ik daar was om de Nederlandse modeontwerper Koos van den Akker te interviewen. De in Den Haag geboren couturier werd wereldberoemd toen hij de bonte truien mocht leveren aan Bill Cosby en de kleurrijke kleding ontwierp van onder meer Cher, Elizabeth Taylor en Barbara Walters. Moeder zat bij het gesprek en luisterde. Koos zag meteen de gelijkenis met zijn eigen moeder en stond erop dat hij moeder iets mocht geven. Even later liep ma, toen al niet meer de jongste, als een dartel 17-jarig meisje dolgelukkig te dansen op Fifth Avenue in haar nieuwe Koos-outfit. Morgen moet ik haar kasten gaan ontruimen. Het zal me benieuwen of dat jurkje van Koos er nog bij is.

Met moeder lunchen in Windows of the World, het restaurant bovenin het World Trade Centre. Lopen van The Village naar ons hotel op 42nd Street. En 's avonds samen naar La Cage Aux Folles. Moeder die me hielp toen ik als 10-jarig jongetje een radiootje op afbetaling had gekocht om met een oortelefoontje naar het nieuws te kunnen luisteren en ik geen geld meer had om aan mijn verplichtingen te kunnen voldoen. Moeder die, samen met haar zus tante Jo, de stuwende kracht was van het telefoonteam dat wekelijks in Hilversum mijn radio-uitzendingen Keerpunt bij de Tros begeleidde. Na afloop met de studiogasten als gastvrouw een hapje eten bij de Jonge Haan aan de ’s-Gravelandseweg. Moeder die er altijd was voor anderen.

Moeder die zich zorgen maakte toen mijn relatie met Joop opdroogde, maar die me enthousiast aanmoedigde toen ik Reon leerde kennen. “Dat menneke is veel te jong voor jou”, zei ze toen Reon even iets kwam brengen bij de chinees in Best waar de redactie zat te vergaderen. “Maar het is wel een lieverd en een knappe ook, ik zou hem maar houden.”

52547404.jpg

De afgelopen tien jaar waren voor deze eens zo intelligente vrouw een belediging. Ze werd langzaam dement en verlangde naar de dood. Dat verdiende cadeautje heeft ze met Kerst gekregen. Er is hierboven een engeltje bijgekomen.

Het was moeders wens om in stilte te worden gecremeerd.

-------

Al weer zeker vijftien jaar geleden bezocht ik met Edwin Bakker Mexico om de zanger, componist, schrijver en arrangeur Juan Gabriel te interviewen. Hij zong in het Palacio de Bellas Artes het onvergetelijke en uiterst aangrijpende Amor Eterno, opgedragen aan ‘alle mamma’s van Mexico’ en aan zijn moeder in het bijzonder. Daar stond hij, voor een met een maricachi-groepje aangevuld Nationaal Symfonieorkest van Mexico met als gastdirigent Enrique Patrón de Rueda. De ogen opgeslagen naar boven.  Het nummer kwam uit zijn tenen. Een jaar eerder had hij het geschreven en gecomponeerd voor zijn overleden moeder. Toen hij bij het tweede couplet merkte dat de hele zaal de tekst uit volle borst meezong biggelden de tranen over zijn wangen. 

Voor een impressie KLIK HIER.

Amor Eterno

Tú eres la tristeza de mis ojos,

Que lloran en silencio por tu amor.

Me miro en el espejo y veo en mi rostro

El tiempo que he sufrido por tu adios.

Obligo a que te olvide el pensamiento,

Pues siempre estoy pensando en el ayer.

Prefiero estar dormida que despierta

De tanto que me duele que no estes.

Como quisiera, ay, que tu vivieras,

Que tus ojitos jamás se hubieran cerrado nunca,

Y estar mirandolos.

Amor eterno, e inolvidable.

Tarde o temprano estaré contigo

Para seguir amandonos.

Yo he sufrido tanto por tu ausencia,

Desde ése día hasta hoy, no soy feliz.

Y aunque tengo tranquila mi consciencia,

Sé que pude haber yo hecho más por tí.

Oscura soledad estoy viviendo,

La misma soledad de tu sepulcro.

Tú eres el amor del cual yo tengo

El más triste recuerdo de Acapulco/ciudad.

 

Como quisiera, ay, que tu vivieras,

Que tus ojitos jamás se hubieran

cerrado nunca, y estar mirandolos.

Amor eterno, e inolvidable.

Tarde o temprano estaré contigo

para seguir amandonos.

 

Later liet ik de video-opname bij me thuis zien aan Anneke Grönloh die het nummer dolgraag in het Nederlands wilde opnemen. Ter plekke maakte ik voor haar een voorlopige vertaling:

Eeuwig durende liefde

Door jou heb ik nu tranen in mijn ogen,

Zwijgend zal ik huilen voor al je liefde.

Ik kijk in de spiegel en zie mijn gezicht

Wat hebben we geleden vanwege dit afscheid.

Het zal moeite kosten je ooit te vergeten,

Steeds zal ik denken aan de dag van je sterven.

Maar voor jou is dit slapen beter dan het einde van je leven

Het is goed zoals het nu is gegaan…

 

Jij die altijd liefde gaf toen je nog leefde,

Moge je ogen in onze gedachten nooit worden gesloten,

We zullen altijd weten hoe je keek.

 

Eeuwig durende liefde, en onvergetelijk.

Vroeg of laat zullen we bij je zijn

Tot dat moment blijven we van je houden.

 

We moeten heel wat lijden omdat je er niet meer bent,

Vanaf deze dag zullen we nooit meer optimaal gelukkig zijn.

En hoewel we zeker kunnen zijn van een gerust geweten,

hadden we heel graag nog zoveel meer voor je willen doen.

 

Dank voor je eenzame leven van geven in plaats van nemen

Dezelfde eenzaamheid zal je nu helpen in je graf.

Jij, mamma, bent en blijft onze grote liefde

We zijn de treurigste kinderen van de stad.

 

Voor jou was liefde geven je hele leven,

In onze gedachten worden jou ogen nooit gesloten

ook nu nog houd je ons in de gaten.

 

Eeuwig durende liefde, en onvergetelijk.

Vroeg of laat zullen we bij je zijn

Tot dat moment blijven we van je houden.

Juan Gabriel

Jan Rot gebruikte het nummer van Juan Garbiel om het te hertalen in een tekst voor Anneke die me nu weer kippevel bezorgt:

Mijn zoon, ik wil nu dat je luistert

Op een dag zal ik er niet meer zijn

En als je dan aan mijn graf iets fluistert

Beloof me, doe het zonder smart en pijn

De dood is net als de geboorte

Iets wat onlosmakelijk bij het leven hoort

De dood is net als de geboorte

Iets bijzonders  en zo wil ik ’t verwoordt.

 

Ik heb gelachen, ik heb geleefd

Ik heb geroken, gezien, gevoeld

Wat een leven te bieden heeft

Ik weet van liefde en van gelukkig zijn

En als mijn tijd dan gekomen is

Zeg dan zachtjes; Dag moeder.

 

Mijn zoon boog het hoofd in tranen

Om wat ik zo even had gezegd

Ach moeder, je moet me maar vermanen

Maar blijdschap om je dood is zo onecht

Je weet hoeveel we van je houden

Ik wil geen dag meer leven zonder jou

Mijn zoon, blijf altijd van me houden

Maar beleef die dag toch niet in rouw.

 

Ik heb gelachen, ik heb geleefd

Ik heb geroken, gezien, gevoeld

Wat een leven te bieden heeft

Ik weet van liefde en van gelukkig zijn

En als mijn tijd dan gekomen is

Zeg dan zachtjes: Dag moeder.

--------------------------------------------------------------------------------------------------

17 december

Afgelopen maandag werd ik verrast met een enorm feest ter gelegenheid van het 30-jarig bestaan van de Gay Krant.

Begonnen als een eindejaarscadeautje voor de vaste bezoekers van het toenmalige Eindhovense gaycafé Du Masher groeide het blad uit tot een van de meest opmerkelijke tijdschriften in ons taalgebied.

Samen met de vanuit de Gay Krant ontstane vriendenstichting is ook op maatschappelijk en emancipatiegebied veel bereikt in die 30 jaar. Daarbij kan worden gedacht aan de strijd voor partnerpensioenrechten en de openstelling van het burgerlijk huwelijk. Ook was de Gay Krant pionier in berichtgeving over hiv en aids en het geven van voorlichting hierover.

De precieze invulling van de feestelijkheden waren voor me geheim gehouden en zo zorgden de vaste medewerkers voor een geweldige verrassing.

Samen met mijn man Reon Nettenbreijers werd ik thuis opgehaald door een limo die ons naar de Drie Gezusters in Breda bracht. Sjoed Kooistra, eigenaar van veel horecazaken zoals ook de April, SoHo en Exit, had de jubilerende Gay Krant daar gastvrijheid aangeboden.

In het feestelijk versierde grand café stonden vele vrienden klaar. Met Jacques d'Ancona als spreekstalmeester spraken achtereenvolgend burgemeester Peter van der Velde van Breda en Minister Plasterk. Oud Europarlement-medewerker Hein Verkerk sprak over de invloed van GK op de Europese homorechten.

Muzikaal waren er bijdragen van onder meer Astrid Nijgh, Tony Neef en de Dutch Diva's (Marga Bult en Sjoukje Smit). Aan het eind van het officiële deel werd voor de SVGK een cheque door de Enschedese diva Edda worden overhandigd. Deze cheque vermeldde een bedrag van ruim 40.000 euro, bijeengebracht door de bezoekers aan het jubileumfeest en vrienden van de Gay Krant.

De Stichting Vrienden van de Gay Krant wil het jubileumjaar gebruiken om de schuld die nog rest uit de tijd dat ze streed voor openstelling van het burgerlijk huwelijk, in te lossen om met een schone lei aan nieuwe projecten te kunnen beginnen.

Voor een verslag op NOS Headlines, klik HIER.

Voor een verslag in BN/De Stem, klik HIER.

Voor een verslag op TV10, klik HIER.

Voor een verslag op Omroep Brabant, klik HIER.

Voor een Flipopname van de toespraak van minister Plasterk, klik HIER.

Of bekijk het ERG LEUKE item van MVS Media, klik HIER.

15 december 2009

Wat verandert er voor lesbisch ouders?

De ministers Ernst Hirsch Ballin van Justitie en Ronald Plasterk, coördinerend bewindsman voor homo-emancipatie, hebben hun voorstellen bekend gemaakt die de positie van lesbische duo-moeders aanzienlijk gaat verbeteren .

Met het voorstel wordt de procedure om de zorg voor kinderen goed te regelen, aanzienlijk versneld. Nu kan een medemoeder (duo-moeder) alleen via de lange, pijnlijke, en soms zelfs vernederende, weg van adoptie ouder worden. Daarvoor is een gang naar de rechtbank nodig en een uitspraak van de rechter. Voor alles goed is geregeld ben je al snel maanden verder en dat terwijl binnen een heterorelatie elk kind meteen door de vader erkend kan worden, zelfs als het is verwekt door de bakker op de hoek of de slager van twee straten verder.

Voor lesbiennes geldt nu nog dat ze het oordeel van de rechter af moeten wachten. Dat zorgt voor onnodige spanning, want omdat het geen automatisme is – zoals in het geval van erkende heteropartners – blijft de uitspraak van de rechter een onzekere factor.

Daarnaast wordt een lesbisch paar nu geconfronteerd met allerlei instanties waar ze niet op zitten te wachten en die heteroparen níet over de vloer krijgen. Zo moeten ze aan medewerkers van het Maatschappelijk Werk uitleggen dat het kind alle benodigde zorg, warmte en liefde zal ontvangen.

Niet zelden werd er door dergelijke ‘hulpverleners’ zelfs gesnuffeld in kastjes en laatjes en werden persoonlijke papieren doorzocht om te beoordelen of de twee moeders wel geschikt zouden zijn.
Hetero’s blijven van die beledigende gang van zaken verschoond.

In de nieuwe regeling is de mede- of duo-moeder automatisch moeder als er sprake is van een onbekende zaaddonor.

Is de donor wél bekend dan dient met hem een afspraak worden gemaakt over de erkenning en dan is geen rechter meer nodig. Dat kan eenvoudig door aangifte op het gemeentehuis. Er is enkel een overeenkomst nodig tussen de twee vrouwen en de biologische vader. Daarvoor zijn al standaardcontracten beschikbaar en eventueel kunnen individuele wensen worden ingebouwd.

Voor mannen die kinderen opvoeden verandert er in de voorstellen van het kabinet nog niets. De komende maanden zullen zij zich bij hun volksvertegenwoordigers naar keuze moeten melden als ze liever een andere regeling zouden willen.

10 december 2009

Tijdens de behandeling van het homo-emancipatiebeleid in de Tweede Kamer, dat verdedigd werd door PvdA-minister Ronald Plasterk, vielen afgelopen week twee zaken op: de minister ontvangt enerzijds waardering, maar krijgt voor eerst ook kritiek; en het COC is weer helemaal terug van weggeweest. De homobelangenorganisatie had kennelijk zijn huiswerk gedaan, de meeste Kamerfracties waren van te voren goed ingeseind over nog bestaande kwesties.

Belangrijk nieuwsfeit: lesbische paren met kinderen die een kind krijgen, worden waar het hun ouderschap betreft, in de toekomst net zo behandeld als heteroparen. Nu moet er nog met tussenkomst van de rechter een adoptieprocedure worden gevolgd. Plasterk verwacht dat deze wetswijziging volgend jaar van kracht wordt. Veel te laat, vindt een Kamermeerderheid. Dat had al veel eerder gekund, maar vooruit, de winst is binnen.

Over ‘de enkele feit-kwestie’ in het onderwijs - waardoor bepaalde scholen homoseksuele leerlingen en leerkrachten nog altijd kunnen weren - mocht niet worden gesproken. Dat waren de Leden van de regeringspartijen vooraf met het Kabinet overeengekomen. Maar met die afspraak waren veel oppositiepartijen diep ongelukkig. De meesten bestempelden dit als een kwalijke vorm van vertragingstactiek.

Tijdens het debat tekende zich voorzichtig een Kamermeerderheid af die vindt dat voorlichting in het middelbaar onderwijs verplicht in de kerntaken moet wordt opgenomen. Daarmee lijkt het initiatief van Boris van der Ham (D66), sterk gesteund door Femke Halsema (GroenLinks) en Jasper van Dijk (SP), succes te krijgen, al is het onzeker of het Kabinet zo'n voorstel zal overnemen. In elk geval is de PvdA vóór het idee, evenals de VVD, SP, GroenLinks, Verdonk en naar alle waarschijnlijkheid zelfs de PVV die aanvankelijk tegen was.

Minister Plasterk ontraadde het voorstel van D66 formeel, hij is immers gebonden aan coalitieafspraken met de ChristenUnie en ook het CDA is zeker geen voorstander van verplichte voorlichting. Toch zie je zelfs daar een beweging in de goede richting. Vooral een bijna aandoenlijke Ed Anker (CU) worstelde zichtbaar met zijn eigen meer betrokken opvattingen en de conflicterende boodschap die hij namens zijn achterban moet uitdragen. Samira Bouchibti kondigde aan dat de PvdA dit keer de poot stijf zal houden.

Plasterk ging ook niet mee met SP-Kamerlid Jasper van Dijk die van de minister een actief beleid eist op het gebied van het niet mogen weigeren van homoseksuele leerkrachten in het bijzonder onderwijs. Van Dijk wil tóch actie van de minister en zal een motie van die strekking indienen.

Rita Verdonk pleitte voor geïntegreerde voorlichting op scholen, zodat niemand er zich aan kan onttrekken. Nu zijn er nog te veel scholen die geen voorlichtingsgroepen toelaten en als er al wel een groep voorlichters van het COC wordt toegelaten, houden bepaalde ouders hun kinderen veel te vaak thuis. Dat schiet dus niet op. Verdonk wil daarom dat er ook voorlichting wordt verstopt in andere vakken, zoals taallessen en rekenvoorbeelden. Ze grapte: “Twee hetero’s en twee homo´s zijn samen vier mensen”.

Naar de vergoeding van de operatiekosten voor andere geslachtsorganen en nieuwe borsten bij transgenders zal Plasterk gaan kijken, liet hij Femke Halsema van GroenLinks weten. Ook op dat punt duidelijke winst dus.

Rita Verdonk (TON) pleitte er voor dat als een homo, die met geweld is geconfronteerd, bij de politie komt, dat altijd als aangifte wordt geregistreerd en dat het niet bij een juridisch nietszeggende ‘melding’ beperkt blijft. Plasterk zegde toe dit met zijn CDA-collega Hirsch Ballin van Justitie op te zullen nemen. Dat punt komt daarmee binnenkort in een ander Kamerdebat ter sprake. Dat is ook hard nodig want vanuit het hele land komen er bij de redactie van de Gay Krant klachten binnen van slachtoffers die op het politiebureau worden ontmoedigd om aangifte te doen.

Boris van der Ham (D66) wil net als Anouchka van Miltenburg (VVD) dat de minister ook kijkt naar de algemene weigering van homobloed. In landen als Zweden en Amerika is die discriminerende beperking al afgeschaft en dat zou in Nederland ook moeten kunnen. Plasterk zal het gaan bekijken, samen met zijn collega van Volksgezondheid, maar het Kabinet wacht eerst nog op de exacte regels van de vernieuwde aanpak in Zweden.

Hero Brinkman (PVV) acht veel van de huidige problemen die homo’s ondervinden toe te schrijven aan de negatieve invloed van Marokkaanse jongens. De meeste andere partijen vinden zo’n redenering te kort door de bocht. En temeer omdat de PVV de voorstellen om voorlichting op te nemen in de kerntaken voor het middelbaar onderwijs aanvankelijk niet steunde, kreeg  Brinkman het verwijt dat hij homoproblematiek gebruikt om zijn gelijk te halen bij het islamdebat. Toch maakte de PVV zich bij dit debat als enige nogmaals sterk voor het afschaffen van weigerambtenaren. Ook baart het de PVV zorgen dat steeds meer homo´s uit de onveilige stedelijke centra ´vluchten´ naar het inmiddels als veiliger bekend staande platteland, terwijl die beweging vroeger juist andersom was.

De meeste Kamerleden willen meer geld voor homo-organisaties. Projecten als het COC Masterplan, de Gay/Straight Alliance, de Roze Olifant, de Roze Loper en de Veilige Haven werden met name genoemd .

Anouchka van Miltenburg (VVD) vroeg zich wel af of deze minister wil dat hij herinnerd zal worden als de bewindsman die vooral veel subsidies uitdeelde, of als degene die meetbare positieve resultaten behaalde? De VVD wil daarom dat de twee regionale Hate Crime projecten worden uitgebreid naar het hele land. “Daar is geen evaluatie voor nodig, dat moet meteen.” Zij wil extra aandacht voor ouderen en homo’s die te maken krijgen met de gezondheidszorg.

GroenLinks wil dat minister Rouvoet nu eindelijk eens zijn gezicht laat zien bij homojongeren. “We hebben nog nooit gezien dat deze minister voor Jeugd en Gezin de hand heeft durven schudden van homojongeren.” Plasterk verzekerde Femke Halsema dat zijn ChristenUnie-collega zich wel degelijk inzet voor homo-emancipatie: “Het Kabinet spreekt ook op dit punt met één mond, maar we schudden niet altijd met één hand.”

Toch blijft Halsema vinden dat Rouvoet een te zwart beeld schetst van jongeren die seksueel totaal zouden zijn ontspoord: “Vindt de minister seks onder de 18 ook vies?” Plasterk: “Nee, in zijn algemeenheid niet, maar het Kabinet heeft wel zorg over dingen die kunnen mislopen op een te jonge leeftijd.”


8 oktober 2009

Gods was niet de schepper, meent professor Ellen van Wolde. “Het traditionele beeld van God de Schepper is onhoudbaar”, voegde ze daar tijdens haar oratie aan toe. God schiep niet, maar scheidde. De aarde van de hemel, het land van de zee, de zeemonsters van de vogels en het gekrioel op de grond.

De Oranjeverenigingen hebben kritiek op het koningshuis. De Oranjeverenigingen! Van Cees van der Pluijm wisten we het wel, maar waar blijven we als zelfs de meest getrouwe volgelingen van Beatrix, Willem-Alexander en Maxima dit soort zaken gaan roepen?

Roman Polanski blijft door kunstliefhebbers, politici en intelligensia geëerd, ook nadat hij een kind van 13 blijkt te hebben verkracht. Maar het was - voor hem gelukkig - een meisje, geen jongen.

De PvdA is teruggevallen tot een splinterpartij.

Het kabinet gaat rollebollend over straat.

Het klimaat slaat op hol.

Het openbaar ministerie maakt fout op fout.

Help, elke zekerheid lijkt weg te vallen.

Aan de andere kant zijn er bepaalde kwesties die onveranderlijk lijken. De politiek blijft weigerambtenaren tolereren en de ‘enkele feit constructie’ waardoor religieuze instellingen en scholen homo’s anders kunnen behandelen, gaat weliswaar anders heten, maar de discriminerende regel blijft gewoon gehandhaafd, zo is het voorstel van het regerende trio Balkenende/Bos/Rouvoet.

Ik ben bang dat ik gek word als ik langer dan twee minuten over al deze kwesties nadenk.

25 september 2009

Voorgangers van veel grote godsdiensten verbieden homoseksualiteit. Dat geldt voor christenen, islamieten en joden. Of de goden zelf ook antihomoseksueel zijn, kunnen we niet weten. De Torah, Bijbel en Kor’an kennen het begrip homoseksueel niet. Dat woord was ten tijde van Mozes, Christus en Mohammed nog niet uitgevonden. Dat gebeurde pas in de negentiende eeuw. Je mag overigens aannemen dat het voor woestijnvolkeren met veel kindersterfte, duizenden jaren geleden, wel praktisch was wanneer er voldoende kroost voorhanden was om de soort in stand te houden.

In de heilige boeken kun je lezen dat je mensen geen seksualiteit tegen hun zin mag opdringen. Dat zie je duidelijk wanneer de bevolking van Sodom en Gomorra wordt opgeroepen om de leden van de voorbijtrekkende karavanen niet te bespringen. Sodomie staat voor \'zondige, verboden seksuele contacten’. Conservatieve geestelijken vertalen dat maar al te gretig met ‘homoseksualiteit’. Of dat ook zo door de Schepper werd bedoeld, kan niemand vaststellen.

Tegenwoordig zijn er gelukkig steeds meer priesters, dominees, rabbi’s en zelfs imams die begrijpen dat een god niet tegen de liefde zal zijn. Deze verlichte geestelijken zullen zich dus nooit bezondigen aan kortzichtige interpretaties die in het verleden werden misbruikt om mensen te discrimineren. Orthodoxen doen dat wel. Die menen dat ze een direct lijntje hebben met hierboven. Ze geloven niet, ze weten zéker en tooien zich desondanks met het begrip ‘gelovige’.

Om politiek correct te kunnen zijn, voegen ze er dan schijnheilig aan toe dat je homo’s evenwel dient te ‘respecteren’, maar het liefst zouden ze alle sodomieten persoonlijk willen omvormen tot lieden die leven in de geest van hún opvatting. Ze beperken zich daarbij helaas niet alleen tot hun eigen volgelingen, maar willen hun zieke uitleg van de regels van de almachtige ook dwingend opleggen aan jan en alleman. Dát is een stap te ver. Zeker in landen waar we een duidelijke scheiding zeggen te maken tussen kerk en staat. In de meeste beschaafde landen hebben homo’s en lesbiennes na een jarenlange strijd eindelijk gelijke rechten gekregen. Ze kunnen daardoor niet alleen als mens maar ook als groep uit de kast treden. Dat is een groot goed, geen gunst!

Nog steeds vragen mensen me - in verband met de kwestie Tariq Ramadan - wat was nu de vertaling van de Gay Krant en hoe verschilde die met de vertaling van de stad Rotterdam. Wethouder Rik Grashoff noemde onze vertaling ‘onjuist, tendentieus, onvolledig en uit de context gerukt’

Mag André Rouvoet tijdens een congres georganiseerd door uiterst conservatieve christenen een toespraak houden? Mag Tariq Ramadan een programma maken voor Press-tv, een door het schrikbewind van Iran gefinancierde propagandazender?

Ik zeg uit volle overtuiging: Ja!

Niemand is er bij gebaat wanneer meningen ondergronds moeten. Ik hoor liever wat mensen als Rouvoet en Ramadan écht denken. Van zowel de een als de ander kun je objectief vaststellen dat ze bovengemiddelde denkers zijn. Ook als ik het niet met ze eens ben, respecteer ik hun mening.

Van Rouvoet werd geëist dat hij niet zou meewerken aan een in Amsterdam gehouden familiecongres. Ramadan is inmiddels door B&W van Rotterdam en de Erasmus Universiteit aan de kant gezet als bruggenbouwer en deeltijd hoogleraar. Eerder dit jaar stapten twee VVD-wethouders om zijn ongeschiktheid als bruggenbouwer al uit het college.

Het is te betreuren wanneer door dit alles Ramadan in Nederland minder zou worden gehoord. Je kunt Ramadan immers niet verwijten dat hij zijn mening geeft. Natuurlijk was het van de islamdenker niet kies dat hij dit deed via een zender die in handen is van een verfoeilijk regime. Maar Ramadan kennende deed hij dat alleen op zijn eigen voorwaarden. Hij laat zich door niemand een blad voor de mond plaatsen. Niet door westerse politici en niet door islamitische. Het is niet voor niets dat hij persona non grata in diverse islamitische landen als Egypte, Saoedi-Arabië, Tunesië, Libië en Syrië is, maar evenzeer wordt gemeden in Amerika en Frankrijk.

Van Rouvoet was het niet handig dat hij juist op die plek iets wilde zeggen over het gezin, een instituut dat in Nederland de laatste jaren danig werd gemoderniseerd. Hij was immers niet de christen Rouvoet, maar de Nederlandse minister van Familiezaken Rouvoet. De vele orthodoxe congresbezoekers wisten allemaal dat ons land op 1 april 2001 als eerste ter wereld het burgerlijk huwelijk openstelde, een feit dat door velen nog steeds onterecht als ‘het homohuwelijk’ wordt aangeduid. Rouvoet zei niets verkeerds, maar zijn betoog bevatte evenmin een spoortje trots. Hij zat gevangen tussen zijn positie als overtuigd christen en vice-premier. Het zet je aan het denken: was het van de coalitiepartners van de huidige regering wel zo verstandig om juist hem op die ministerspost te benoemen?

Ramadan is duidelijk een heel ander type. Hij laat zich als islamitisch denker de mond niet snoeren. Toch ging hij als bruggenbouwer van de stad Rotterdam veel discussies en uitdagingen uit de weg. Zo weigerde hij duidelijkheid te geven over zijn omstreden uitspraken over vrouwen, joden, homoseksuelen en het handhaven van een moratorium op het stenigen van vrouwen. Hij weigerde te spreken met media als RTV Rijnmond en de Gay Krant. Dat is voor een échte bruggenbouwer niet te verdedigen. Maar dat dien je vooral de mensen te verwijten die hem destijds benoemden en die konden weten wat voor vlees ze in de Rotterdamse kuip haalden.

Mensen met een mening, zoals Rouvoet en Ramadan, dienen we te koesteren, maar het is aan politici om goed na te denken of ze wel op elke post tot hun recht kunnen komen. Daar kun je in beide kwesties vraagtekens bij plaatsen.

16 augustus 2009

Enkele jaren geleden belde een abonnee naar de redactie van de Gay Kant met een klacht over Air Mauritius. De luchtvaartmaatschappij van het luxe vakantieparadijs had als tijdelijke actie een speciaal partnertarief. Samen kon je naar het eiland in de Indische Oceaan reizen voor de prijs van één. Hij had met zijn vriend geprobeerd  te boeken, maar kreeg te horen dat de aanbieding alleen geldig was voor man én vrouw.
Natuurlijk vroeg de Gay Krant opheldering bij Air Mauritius.

Meteen de volgende dag werd ik vanuit Parijs gebeld door de directeur van de luchtvaartmaatschappij. Het was geen bedrijfspolicy. ‘In tegendeel. Mauritius is een eiland zonder oorspronkelijke bevolking. Iedereen is er welkom. Het is de meest multiculturele samenleving die denkbaar is. Mensen zijn er uiterst tolerant.’
De toenmalige premier zou zelfs openlijk homoseksueel zijn. Geen mooiere vakantiebestemming voor vriendenparen dan juist deze plek waar de Nederlanders onsterfelijk zijn omdat ze het eiland vernoemden naar prins Maurits, maar vooral vanwege het feit dat ze de dodo hebben uitgemoord.
We moesten écht eens gaan kijken. Als we er in de Gay Krant een reportage over zouden schrijven waren mijn man Reon en ik van harte uitgenodigd. Air Mauritius zou zorgen voor twee tickets en een aangenaam onderkomen.
En zo geschiedde.

Korte tijd later vlogen we business class naar deze tropische droombestemming. Het hotel bleek een waar paradijs. Reon en ik waren tot onze ziel geroerd toen we de suite kregen toegewezen, dezelfde waar ook prinses Diana ooit een weekje had gelogeerd.

Afgelopen donderdag zond de geplaagde Tariq Ramadan, nadat hij voor de zoveelste keer website van de Gay Krant staan enkele leuke foto’s van de bijeenkomst in de Koninklijke Schouwburg.

Het gewonnen geldbedrag zal ik doneren aan de Stichting Vrienden van de Gay Krant. Die heeft het hard nodig omdat na de jaren van strijd deze stichting nog altijd met een forse schuld zit. Ik mijn naïviteit heb ik gedacht dat iedereen die nu wél gebruik kan maken van het opengestelde huwelijk waar dat vroeger niet kon, aan al z’n bruiloftsgasten een piepkleine donatie zou kunnen vragen van één eurootje. In dat geval zou de stichting geen schuld hebben en zou de Gay Krant niet elke maand een fors bedrag aan rente over de negatiefstand hoeven te betalen.

Dat is echter niet het geval en dus zou het een goede zaak zijn wanneer we eindelijk eens een oplossing zouden bedenken om tegen het eind het van dit jaar – wanneer de Gay Krant 30 jaar zal bestaan – deze ereschuld eens en voorgoed weg te werken.

Om die reden ben ik op zoek naar mensen die actief mee willen denken hoe we de stichting uit de rode cijfers helpen en met een schone lei kunnen beginnen aan de vele projecten die nu onze aandacht verdienen.

Mocht iemand daarvoor belangstelling hebben dan kun je meer informatie vinden op www.svgk.org . Ik noteer graag namen van mensen die zich voor dit project willen aanmelden.

Nogmaals hartelijk dank voor de felicitaties.

Met vriendelijke groet,

Henk Krol

23 april 2009

Het rommelt in Rotterdam om Ramadan. Ons portret van de islamitische geleerde en bruggenbouwer is niet onbesproken gebleven. Vrijwel alle media schreven over zijn vermeende homovijandige uitspraken. Nu zijn zelfs de VVD-wethouders opgestapt. De Rotterdamse raad had vorige week maar liefst zeven uur nodig om tot een voorlopig oordeel te komen. De meest heldere conclusie kwam van burgemeester Aboutaleb die de kwestie omschreef met de woorden: “We kunnen deze constructie uitzitten, maar mijn advies zou zijn: nooit meer!” En een tweede dodelijke opmerking van de burgemeester was: “Ik wil niet zeggen dat zijn werk volkomen nutteloos is geweest”.

Daarmee zijn de dagen voor Tariq Ramadan als bruggenbouwer op last van de belastingbetaler op termijn geteld. Toch kan hij voorlopig twee dagen per twee weken voor Rotterdam blijven werken, al mag hij zich geen bruggenbouwer meer noemen, is hij geen adviseur meer en zal zijn taakomschrijving opnieuw met hem worden besproken.

Maar niet alleen Ramadan zal met ongenoegen terugdenken aan het feit dat hij niet eerder veel duidelijker wilde zijn over zijn meningen over praktiserende homoseksuelen. Ook GroenLinks-wethouder Rik Grashoff kreeg een volle lading kritiek over zich heen. Hij probeerde de kwestie eerst af te doen als een fout van de Gay Krant. Die zou de opmerkingen van Ramadan uit z’n verband hebben gerukt, de woorden fout hebben vertaald en onzorgvuldig zijn geweest.

Opmerkelijk is echter dat zijn eigen aangedragen vertaling van een beëdigd tolk, die hij consequent bleef aanduiden als een ‘gedegen onderzoek’, volstrekt niet verschilde met de gebuikte vertaling in ons blad. Dat doorzag ook de meerderheid van de raad. Alleen zijn eigen partij GroenLinks, verantwoordelijk voor de benoeming van Ramadan, en het CDA bleven de islamgeleerde, die de gemeente de afgelopen twee jaar 1,7 miljoen heeft gekost, door dik en dun steunen. De PvdA bleek verdeeld, SGP en D66 twijfelden en VVD, SP en Leefbaar Rotterdam, met als uitstekend woordvoerster Anita Fähmel, waren ronduit tegen verdere verlenging van het contract.

De VVD wilde evenwel niet meestemmen met een motie van Leefbaar, omgekeerd wilde Leefbaar de VVD niet meer steunen toen die onder druk van de wethouders ineens een compleet andere uitleg aan de eigen motie ging geven. Daardoor haalde alleen een voorstel van de PvdA een meerderheid. Daarin werd aan B&W de opdracht gegeven de taakomschrijving voor Ramadan nog eens tegen het licht te houden.

Ramadan zelf zat op de publieke tribune en moest het debat laten vertalen door een tolk met een opzichtig roze stopdas omdat de man die in de Rotterdamse wijken bevolkingsgroepen met elkaar in contact moet brengen niet eens de Nederlandse taal machtig is.

Na het debat barstte de kritiek op zowel Ramadan als wethouder Grashoff pas écht goed los. Columniste Amanda Kluveld riep Ramadan in NRC op te tonen dat hij ballen heeft en uit zichzelf op te stappen en Max Pam noemde op Radio 5 wethouder Grashoff een fascist. De lijsttrekkers voor het Europees Parlement van PvdA en VVD lieten in

Deze week schrijft Machteld Allan in De Groene over het wetenschappelijk gehalte van Tariq Ramadan. Zelf kan ik daar niet over oordelen. Ramadan betitelde mij tijdens onze ontmoeting als een intellectueel onbenul.

Die ontmoeting was ook op andere fronten zeer intimiderend. Desondanks heeft de Gay Krant de moslimgeleerde nogmaals uitgenodigd eindelijk eens met zijn ware visie op homoseksualiteit uit de kast te komen. We wachten nog steeds op antwoord.

4 april

Van bestuurders van een stad aan de Maas mag je aannemen dat ze weten wat ze van een bruggenbouwer mogen verwachten. In het geval van Rotterdam hebben ze er een die de pijlers aan de ene kant van de rivier neerzet en onvoldoende zichtbaar werkt aan de ondersteuning op de andere oever. Als de bewoners dan beginnen te morren en zeggen dat ze zijn uitleg niet begrijpen (al was het maar omdat hij geen Nederlands spreekt), wordt de bruggenbouwer boos. Hij zegt dat hij wel uitleg wil geven, maar eist eerst dat iedereen die vragen stelt, terugkruipt in zijn hok.

Die bruggenbouwer was eerder al actief in vele andere landen. Opmerkelijk genoeg is hij aan minimaal zes grenzen al eens geweigerd. Maar dat kwam, zo zegt hij zelf, omdat men hem niet begrijpt of verkeerd citeert. Allemaal redenen voor de Gay Krant om in het vorige nummer een verhaal te schrijven over bruggenbouwer Tariq Ramadan met daarin slechts één slotconclusie: ‘Het zou niet verkeerd zijn wanneer zijn gedachtegoed door meerderen eens nader onder de loep zou worden genomen’. Politici in Rotterdam en de Tweede Kamer vonden dat kennelijk redelijk en gaan het grondiger onderzoeken. Daarbij is van belang dat wordt gekeken of het principe van scheiding van kerk en staat met deze islamitische theoloog wel voldoende is gewaarborgd.

Ramadan zelf was Gay Krant voor een lange monoloog waarin hij uiterst intimiderend herhaalde wat hij al jaren roept wanneer in dikke boeken of gerespecteerde kranten – waar ook ter wereld – eveneens wordt geschreven dat er vragen zijn over zijn ware bedoelingen: “Waarom steeds die aanvallen op mij?”

Rond 9 april komt de uitslag van het onderzoek door Rotterdam. Ik hoop oprecht dat daarbij kan worden vastgesteld dat Ramadan hooguit af en toe wat onhandig is, maar dat zijn bedoelingen diep van binnen goed en nobel zijn. In dat geval wordt het tijd dat Rotterdam iemand aanwijst die zijn uitspraken kan duiden voor de gewone burger. Die heeft daar als belastingbetaler recht op. Dat mag je toch minimaal verwachten van een project waar de stad al ruim 1,7 miljoen euro aan heeft uitgegeven? En als er toch nog twijfels blijven? Tja, dan is het goed te weten dat er andere bruggenbouwers beschikbaar zijn die voor veel minder en met grotere openheid aan de slag zouden willen.

(oudere weblogs onderaan)

0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0

Fragment uit Hotel Big Brother VIPS, klik HIER.

 

Een vol jaar lang heb ik iedereen een dagelijks kijkje gegeven in mijn privé-leven. Daarna ben ik alleen nog af en toe het vervolg gaan opschrijven. Hieronder kan iedereen die dat wil dat nalezen.

Henk's weblog maart 2009

Henk's weblog februari 2009

Henk's weblog januari 2009

Henk's weblog december 2008 

Henk's weblog van juni 2008, klik hier

Henk's weblog van mei 2008, klik hier

Henk's weblog van april 2008, klik hier

Henk's weblog van maart 2008, klik hier

Henk's weblog van februari 2008, klik hier

Henk's weblog van januari 2008, klik hier

Henk's weblog van december 2007, klik hier

Henk's weblog van november 2007, klik hier

Henk's weblog van oktober 2007, klik hier 

Henk's weblog van september 2007, klik hier 

Henk's weblog van augustus 2007, klik hier. 

Henk's weblog van juli 2007, klik hier.